Whatsapp E-mail
Home

Het rode koningin effect en waarom we maar niet hoger komen in Google

Dit is het zesde artikel in een serie over mentale modellen en SEO, met een focus op het beter begrijpen van zoekmachineoptimalisatie. In het vorige artikel hebben we gekeken hoe we hoger ik Google kunnen komen met behulp van het mentale model van activeringsenergie. Maar zelfs als alles goed gaat lukt het vaak niet om (voor een langere periode) een hogere positie te behalen. Hoe dat komt heeft alles te maken met het rode koningin effect.

Now, here, you see, it takes all the running you can do, to keep in the same place. If you want to get somewhere else, you must run at least twice as fast as that!

Lewis Carroll

Je hebt net een fantastische verbetering aan de website gedaan. Binnen een maand verwacht je resultaat te zien van je optimalisatie dus je wacht geduldig af. Aan het eind van de maand kijk je en tot je verbazing is er geen effect. Hoe komt dat?

We bouwen een betere website voor onze klanten, maar zijn niet de enige die dat doen. Concurrenten zitten niet stil en rennen vaak even hard als ons. 

Optimaliseren zij hun website, dan moeten wij dat ook doen. Anders gaan we erop achteruit. We leveren dus veel inspanning alleen maar om op dezelfde plek te blijven. Deze inspanning, zonder netto positieve bijdrage, noemen we het rode koningin effect. En dat heeft grote impact op bijna alles wat we doen.

Wat is het rode koningin effect?

Het rode koningin effect, ook wel Red Queen Hypothese of Red Queen effect genoemd, is een theorie die de evolutionaire wapenwedloop tussen verschillende soorten verklaart, en stelt dat soorten zich voortdurend moeten blijven ontwikkelen om hun ecologische niche te behouden.[1] 

Leigh Van Valen formuleerde in 1973 deze hypothese en noemde dit de rode koningin hypothese; een rechtstreekse verwijzing naar de rode koningin in het boek Alice Through the Looking Glass van Lewis Carroll. 

In dat verhaal zegt de Rode Koningin tegen Alice “Now, here, you see, it takes all the running you can do, to keep in the same place.” (in het Nederlands “Nu, hier, zoals je ziet, moet je zo hard rennen als je kan om op dezelfde plek te blijven.”) [2]

Anders gezegd: de inspanningen die we leveren zijn vaak maar net voldoende om bij te blijven. Willen we meer, dan zullen we twee keer zo hard moeten lopen.

Het rode koningin effect in ecosystemen

Onze inzet levert vaak niet meer op dan behoud van positie. Dat kunnen we verklaren door de rode koningin hypothese te bekijken in de context van de speltheorie. Leigh Van Valen omschrijft dat als volgt: 

“Tot op een zekere hoogte is elke soort onderdeel van een zero-sum spel tegen de andere soort. Welke tegenstander het meest belangrijk is voor een soort varieert van tijd tot tijd, en voor sommige of zelfs de meeste soorten is er niet een enkele allesoverheersende tegenstander. Verder kan geen enkele soort ooit winnen, en nieuwe tegenstanders vervangen grijnzend de verliezers.” [3]

Dit zero-sum spel zien we bijvoorbeeld in ecosystemen. Als gedachte-experiment kunnen we kijken naar de interactie tussen luipaarden en antilopes, die met elkaar in een evolutionaire race zitten.

In hun jacht naar voedsel beginnen luipaarden met het opjagen van de langzame en zieke antilopes. Dat gaat een tijd lang goed, maar na een zekere periode zijn alle langzame antilopes uitgestorven. En zijn alleen de snelste antilopes overgebleven.

Nu zien we een omgekeerd effect en moeten de luipaarden harder rennen. Het luipaard dat niet snel genoeg is krijgt namelijk geen eten. Dit heeft tot gevolg dat de langzame luipaarden verhongeren, waardoor de snelle blijven leven en de luipaard populatie in zijn geheel sneller loopt.

Nu begint de strijd van voren af aan en zal de nieuwe generatie antilopes nog harder moeten rennen om in leven te blijven.

Wat er tussen de luipaarden en antilopes gebeurd noemen we een wapenwedloop. Die zien we overigens niet alleen in de natuur. Want ook voor bedrijven is deze onderlingen strijd met concurrenten een belangrijke drijfveer om te blijven groeien. Zowel fysiek als online, met behulp van SEO.

Lees hier meer over deze onderlinge interactie in complexe systemen  

Het rode koningin effect en SEO

We hoeven niet lang te zoeken om het rode koningin effect in e-commerce en zoekmachineoptimalisatie te vinden. De druk om te overleven is constant aanwezig en er is geen niveau waarop we veilig zijn. 

De techniek verbeterd en even zijn klanten blij met de ontwikkeling. Maar al snel is het de nieuwe standaard en moeten we weer ontwikkelen. De website is dan misschien sneller, maar in verhouding tot anderen is hij weer net zo langzaam als de rest. 

Deze cirkel is oneindig, maar dat betekent niet dat onze inspanningen per definitie kansloos zijn. Inzicht in het rode koningin effect is dan ook bijzonder waardevol.

Het rode koningin effect geeft ons drie inzichten:

  1. Zoekmachineoptimalisatie is nooit klaar
  2. Resultaten uit het verleden bieden geen garanties voor de toekomst
  3. We moeten niet harder, maar slimmer werken

Zoekmachineoptimalisatie is nooit klaar

Het rode koningin effect wordt duidelijk zichtbaar in zoekmachineoptimalisatie. We optimaliseren een pagina om een betere positie in Google te krijgen, maar in de tussentijd doen concurrenten hetzelfde.

Natuurlijk loopt dit niet altijd volledig synchroon. Soms winnen we tijdelijk een positie, totdat andere websites dezelfde verbeteringen aanbrengen. En dan begint de strijd om de eerste positie weer van voor af aan.

Wie het meeste blijft optimaliseren, verbeteren en vernieuwen laat aan gebruikers en aan zoekmachines zien dat de website relevant is. Dit noemen we het sandbox effect; speelgoed waarmee we spelen blijft aan de oppervlakte, de rest verdwijnt onder het zand. 

Zoekmachineoptimalisatie is dan ook niet iets voor een keertje. Het is een oneindig spel.

Resultaten uit het verleden, geen garantie voor de toekomst

Elke sporter weet dat het niet moeilijk is om nummer één te worden. Maar nummer één blijven is een heel ander verhaal. We kunnen niet achterover gaan zitten, want de competitie doet dat ook niet. 

Stilstand is achteruitgang. We moeten doorgaan met ontwikkelen omdat de rest dat ook doet. 

Toegegeven, een enkele keer staat een website lang bovenaan, ook al is er al jaren niets mee gebeurd. Maar dat wil nog steeds niet zeggen dat dit ook zo blijft.

Een lange geschiedenis biedt geen bescherming tegen uitsterven. Sterker nog, de kans op uitsterven is onafhankelijk van de leeftijd van een soort.[4] 

Hoeveel honderd jaar oude bedrijven zijn ineens verdwenen door een nieuwe ontwikkeling? Hoeveel websites hebben ineens hun verdienmodel stuk zien gaan? Of hebben een verkeersbron flink zien krimpen?

Een luipaard kan niet ontspannen omdat hij vroeger snel genoeg was. Hij zal moeten blijven rennen om de antilopes te pakken. Zo is het ook met zoekmachineoptimalisatie.

Resultaten uit het verleden zijn nou eenmaal geen garantie voor de toekomst.

Niet harder, maar slimmer werken

Complacency will kill you. The stronger we are relative to others, the less willing we generally are to change… However it’s not strength that survives, but adaptability.

Shane Parish

Nu krijg je misschien de neiging om heel hard te gaan rennen of maar op te geven. Maar dat is niet waar het rode koningin effect in de kern over gaat. 

Het doel is niet alsmaar sneller rennen, maar veel meer een oproep tot adaptatie – het vermogen om aan te passen. Want het is niet zozeer onze kracht waardoor we overleven, maar ons aanpassingsvermogen.[5]

Dat betekent dat we niet harder, maar vooral slimmer moeten werken.

Echte kracht komt van flexibel genoeg zijn om te veranderen, los te laten wat niet meer werkt en te focussen op wat nodig is om in de toekomst succesvol te zijn. 

Dat is moeilijk voor wie sterk is. Want hoe sterker we zijn in verhouding tot anderen, hoe minder bereid we zijn om te veranderen (over het algemeen).

Daar komt nog bij dat wie zich aanpast te maken krijgt met trade-offs. We kunnen niet alles doen. Onze tijd, energie en budgetten zijn beperkt en dat vraagt om keuzes.

Natuurlijk moeten we soms harder rennen dan de rest, een betere tekst schrijven en een snellere website bouwen dan onze concurrenten. Maar belangrijker is het om flexibel te zijn. 

Dat betekent dat we moeten specialiseren, maar niet zoveel dat we ons niet kunnen aanpassen mocht dat nodig zijn. De juiste zoekwoorden te kiezen, optimalisaties te doen die een ander nog niet heeft gedaan en onderscheidend vermogen creëren.

Slimmer rennen dus.

Conclusie

De rode koningin is overal en vraagt dat we ons continu aanpassen. Dat geldt zeker in de competitieve wereld van zoekmachineoptimalisatie. Net als onze concurrenten vechten we voor alles wat we waard zijn om de eerste plek te veroveren of te behouden. 

Maar, het rode koningin effect is niet overal even sterk. Dat verschilt sterk per omgeving. In competitieve sectoren kost het meer tijd en moeite om mee te blijven doen in de top – de activeringsenergie is hoger – terwijl in niches deze strijd veel minder zichtbaar is.

Afhankelijk vanuit welk perspectief je kijkt is het glas halfleeg of halfvol. Halfleeg als je maar eenmalig wilt optimaliseren, halfvol als je voor de rest van je loopbaan met SEO bezig wilt zijn en van rennen houdt.

Voor de volgende keer…

In het volgende artikel bekijken we de wereld van zoekmachines vanuit entropie; een natuurkundig principe dat een vernietigende werking heeft op alles wat we doen. Wat dat te maken heeft met zoekmachine optimalisatie lees je binnenkort hier.

Tot die tijd, probeer eens een antwoord te vinden op deze vragen: 

  • Hoe sterk is het rode koningin effect binnen jouw sector? 
  • Hoe flexibel ben jij met het proberen van nieuwe SEO technieken?
  • Waar zou je sneller kunnen werken? Waar beter?
  • Hoe kun je dit model toepassen op SEO? En op andere gebieden in je leven?

Of een van de andere delen in deze serie teruglezen:

Wat vond je van dit artikel?

Ik schreef dit artikel om jou te helpen om zoekmachineoptimalisatie vanuit een ander perspectief te bekijken zodat je betere beslissingen kunt maken.

Heb je iets nieuws geleerd? Deel het dan met anderen! Want zo help je jouw collega’s SEO beter te begrijpen. Vanuit activeringsenergie weten we hoeveel dat waard is.
PS: Heb je naar je na aanleiding van dit artikel vragen? Stuur me dan een berichtje via LinkedIn.

Voetnoten:

[1] 2020, Wikipedia, Leigh van Valen
[2] 1871, Alice’s Adventures in Wonderland and Through the Looking-Glass, Lewis Caroll
[3] 1973, A New Evolutionary Law, Leigh van Valen
[4] 2020, Wikipedia, Red Queen Hypothesis
[5] 2020, The Great Mental Models Volume 2: Physics, Chemistry and Biology, Farnam Street

Activeringsenergie: Hoe kan ik hoger komen in Google?

Dit is het vijfde artikel in een serie over mentale modellen en SEO, met een focus op het beter begrijpen van zoekmachineoptimalisatie. In het vorige deel hebben we gekeken naar de rol van feedback loops op zoekmachineoptimalisatie. In dit artikel kijken we wat er voor nodig is om hoger te scoren in Google, aan de hand van het model van activeringsenergie.

The more we can lower or even eliminate the activation energy for our desired actions, the more we enhance our ability to jump-start positive change.

Shawn Achor

We steken veel energie in het verbeteren van onze websites. We optimaliseren pagina’s en schrijven teksten. Maar toch lukt het vaak niet om hoger in Google te komen. Hoe kan dat? 

In veel van wat we doen zijn we net als Sisyphos. Deze figuur uit de Griekse mythologie werd door de goden veroordeeld om een zware steen de berg op te duwen. 

Als hij deze boven zou krijgen zou zijn straf erop zitten. Maar steeds vlak voordat hij de steen boven kreeg begon deze weer terug te rollen.

Elke dag opnieuw duwde Sisyphos de steen de berg op, maar zonder succes. Zo werd Sisyphos gedoemd tot in de eeuwigheid. [1]

Het moraal van het verhaal? Don’t mess with the gods! 

Maar er is meer. 

De steen van Sisyphos
In veel van wat we doen zijn we net als Sisyphos.

Onbewust geeft Sisyphos ons een waardevolle les in de werking van activeringsenergie; de hoeveelheid energie die nodig is om een blijvende verandering te realiseren.

Wat is activeringsenergie en wat kunnen we daarmee binnen zoekmachineoptimalisatie?

Wat is activeringsenergie?

Activeringsenergie is een scheikundig model om aan te tonen hoeveel energie er nodig is voor een blijvende verandering.

Het is de hoeveelheid energie die nodig is om een chemische reactie door te laten gaan zodat bestaande chemische bindingen breken en er nieuwe bindingen kunnen ontstaan. Het resultaat van zo’n reactie noemen we het product.[2] 

De activeringsenergie is als het ware de top van de berg. Dat is de hoeveelheid energie die toegevoegd moet worden om een kantelpunt te bereiken. Als dat lukt, dan rolt de steen door in plaats van terug en kunnen we niet meer (eenvoudig) terug naar de beginsituatie.

Lukt dat niet, dan rolt de steen terug. In dat geval zijn we net als Sisyphos en moeten we weer opnieuw beginnen met duwen. 

Activatie energie
Als we de activeringsenergie bereiken gaat het daarna “als vanzelf.”

Activeringsenergie zien we bijvoorbeeld bij het koken van een ei. Door warmte toe te voegen komt er een reactie op gang en begint het ei te stollen. Het product is in dit geval een gekookt ei.

Maar niet elke chemische reactie leidt automatisch tot een product.

We kunnen een ei in kokend water laten vallen, maar dan is het nog niet meteen gekookt. De moleculen moeten eerst een aantal keer succesvol met elkaar botsen voordat het ei begint te stollen.[3]

Er is een grens (energie barrière) die overwonnen moet worden.[4] Dat wil zeggen, de toegevoegde energie moet gelijk staan aan of groter zijn dan de activeringsenergie.[5]

Hoge en lage activeringsenergie

Niet elke berg is even hoog. Sommige moleculen hebben een zeer lage activeringsenergie – er is maar weinig voor nodig om ‘een product’ te vormen – andere bindingen hebben een hoge activeringsenergie.[6]

Denk aan het maken van een vuur. 

Een vuur vraagt veel activeringsenergie. We moeten veel warmte toevoegen om een kantelpunt te bereiken.

Om een houtblok aan te steken is het niet voldoende om er een lucifer bij te houden. We hebben papier en aanmaakblokjes nodig; tondel en kleine houtjes om genoeg warmte te creëren zodat het vuur zichzelf in stand kan houden. 

Oftewel we moeten voldoende energie toevoegen om het vuur aan te houden. Lukt het niet om dat kantelpunt te bereiken, dan laten we niets meer achter dan een zwarte brandplek op het hout.

Vergelijk dat eens met het aansteken van het aanmaakblokje zelf. Hier hoeven we maar erg weinig energie in te steken om het blijvend te veranderen.

De hoeveelheid activeringsenergie die nodig is kan dus sterk verschillen. En dat is een belangrijk uitgangspunt voor zoekmachineoptimalisatie.

Activeringsenergie en SEO

Activeringsenergie is een bruikbaar model om het effect van een zoekmachineoptimalisatie aan te geven. 

Om een goede positie in Google te behalen moeten we veel energie toevoegen. Die energie vertaalt zich in het optimaliseren van de pagina, het schrijven van een goede tekst en het verzamelen van links naar de website.

De moeite die het kost om een betere positie in de zoekmachine te krijgen kunnen we zien als de activeringsenergie die nodig is om een blijvende verandering te realiseren. En dat komen we op ten minste 4 plaatsen tegen:

  • Bij zoekwoorden
  • In niches
  • Bij gebruikers
  • In organisaties

Activeringsenergie en zoekwoorden

Niet elk zoekwoord vraagt dezelfde activeringsenergie. Het zoekvolume en de competitie zijn belangrijke indicatoren voor de energie die nodig is om hoger te scoren in Google. 

Dat zien we bijvoorbeeld in het verschil tussen short tail en long tail zoekwoorden. 

Short tail zoekwoorden zijn zoekopdrachten met een lengte van 1~2 woorden. Meestal zijn dit merknamen en generieke termen. Smartphone of LinkedIn bijvoorbeeld. Er zijn veel mensen die deze zoektermen gebruiken, het zoekvolume is dus hoog. Dat maakt dat er veel websites zijn die op deze term gevonden willen worden. Er is veel competitie. Daardoor is het moeilijk om goed gevonden te worden. 

Daartegenover staan de long tail zoekwoorden. Dit zijn combinaties van woorden met een lengte ergens tussen de 3~8 woorden. Het zoekvolume en de competitie zijn een stuk lager. 

Het lage zoekvolume maakt ze minder aantrekkelijk om op gevonden te worden, maar door de lage competitie kost het ook minder moeite. 

Anders gezegd, short tail zoekwoorden hebben een hoge activeringsenergie. We moeten veel moeite doen om hoger te ranken. 

Long tail zoekwoorden vragen een stuk minder energie. Een paar kleine optimalisaties zijn meestal al voldoende om beter gevonden te worden.

(Dit kun je overigens zelf eenvoudig testen door een pagina aan te maken met een willekeurige lettercombinatie en deze te publiceren. Waarschijnlijk sta je morgen al eerste op de term ejrogspme.)

Activeringsenergie en niches

De activeringsenergie verschilt niet alleen per zoekwoord, maar ook per branche.

Zo is het erg moeilijk om toe te treden in de autoverzekeringen-, vliegtickets- en elektronicamarkt, waarin grote organisaties veel tijd, geld en energie steken in het behouden van hun positie. 

Er is sprake van een hoge activeringsenergie. Om in de top 10 te scoren moeten we minstens net zoveel energie toevoegen als deze partijen en dat is in veel gevallen onrealistisch.

Vergelijk dat eens met een nichemarkt zoals kamerplanten, hondentrimsalons of tweedehands boeken. Daar ligt de activeringsenergie een stuk lager en kost het minder moeite om toe te treden. 

De bergtop is minder hoog.

Activeringsenergie van gebruikers

Het model van activeringsenergie kunnen we ook toepassen op gebruikers. Want ook zij hebben hun eigen activeringsenergie.

Gebruikers beginnen hun zoektocht in de zoekmachine. Op dat moment zijn ze nog zoekers en hebben ze geen band met onze website. Om daar verandering in te brengen moeten we een zoeker voor onze website laten kiezen en van hem een gebruiker maken. Maar dat gaat niet zomaar.

Een zoeker neemt namelijk een klein risico bij elke website die hij aanklikt; het risico dat hij niet vindt wat hij zoekt. Om dat risico te verkleinen zal de bezoeker eerder op het eerste resultaat klikken. Waarvan de kans groter is dat dit het meest relevante antwoord is.

Maar er is meer.

Ook de search-snippet zelf, de titel en de omschrijving, zeggen iets over de hoeveelheid energie die nodig is om van een zoeker een gebruiker te maken. Met een duidelijke titel en omschrijving verlagen we die drempel.

Dit alles helpt mee om de activeringsenergie te verlagen. De energie die nodig is om van een zoeker een gebruiker te maken. Lukt dat niet, dan rolt de zoeker zo weer terug naar Google en moeten we opnieuw beginnen.

In het verlengde daarvan kunnen we overigens ook naar het hele bestelproces kijken: waar we van een gebruiker een klant willen maken. Want hoe zorgen we ervoor dat een bezoeker op ons resultaat klikt, de informatie leest en een bestelling plaatst? 

Dit zijn allemaal vragen om over na te denken vanuit het perspectief van activeringsenergie. 

Samenwerken met de rest van de organisatie is daarin de sleutel. Want zonder het eindresultaat telt SEO niet.

Activeringsenergie in organisaties

Uiteindelijk gaat activeringsenergie verder dan alleen zoekmachineoptimalisatie. We kunnen het model ook toepassen op de mensen binnen de organisatie. 

In dat geval gaat activeringsenergie over de bereidheid van collega’s om te ondersteunen bij SEO.

Niet iedereen zal zich zomaar aansluiten bij team SEO. Daar kunnen allerlei redenen voor zijn. Andere belangen of onbekendheid met het onderwerp bijvoorbeeld, kunnen eraan bijdragen dat collega’s zich niet geactiveerd voelen om te helpen bij zoekmachineoptimalisatie.

In plaats van de ander als een blokkade te zien, kunnen we ook vragen wat er nodig is om de activeringsenergie van hem of haar te bereiken.

Collega’s motiveren om gezamenlijke doelen na te streven is dan ook een belangrijke taak in het functiepakket van de SEO specialist. 

Vragen die je zou kunnen stellen zijn:

  • Welke energie is nodig om developers ervan te overtuigen om bugs op te lossen, de paginasnelheid te verbeteren en nieuwe features te implementeren? 
  • Hoeveel energie is het management team bereid te geven aan SEO?
  • Wat is er nodig om de SEO specialist te motiveren?
  • En… wat kunnen we doen om die activeringsenergie te bereiken of zelfs te verlagen zodat we onze kans op succes maximaliseren?

Conclusie

Hoe kan ik hoger komen in Google? Dat is een vraag die helaas geen concreet antwoord heeft. Maar het model van activeringsenergie geeft ons wel een richtlijn.

Alles wat we doen vraagt energie. Maar hoeveel we ook geven, als we niet de top van de berg halen, dan rolt de steen weer terug. Het resultaat is dan hetzelfde als voordat we begonnen.

Zo kan het ook gaan met optimalisaties. We werken hard, maar ergens voordat we de top bereiken, stoppen we met energie geven. Dan zijn we net als Sisyphos. En het resultaat daarvan is dat we op dezelfde positie blijven staan. 

Door energie te geven komen we verder. Maar soms duurt het lang, kost het veel moeite en vraag het veel geduld om ons doel te bereiken. Geef dan ook niet zomaar op. Misschien is de top (van Google) wel dichterbij dan je denkt. 

En, blijf ook vooral kritisch. We kunnen niet overal onze beperkte energie aan geven. Dat vraagt om keuzes. In de zoekwoorden die je kiest, de optimalisatie die je doet en de mensen die je activeert.

Met deze kennis weet je in ieder geval wat je moet doen om de top te behalen. Veel succes met duwen! 

Voor de volgende keer…

Activeringsenergie heeft ons inzicht gegeven in wat er voor nodig is om een blijvende verandering te krijgen. Maar we zijn niet de enige die dat proberen. We moeten net zo hard rennen als onze concurrenten om op dezelfde positie te blijven staan en harder om te stijgen. Wat dat met zoekmachineoptimalisatie te maken heeft lees je in deel 5: Het rode koningin effect en waarom we maar niet hoger komen in Google.

Tot die tijd zou je kunnen nadenken over deze vragen:

  • Waar geef ik energie aan in de optimalisatie van een website? En buiten de website?
  • Wat is er voor nodig om de steen boven te krijgen? En hoe kan ik zorgen voor blijvende verandering?
  • Is SEO een team-effort of zijn er mensen die geactiveerd moeten worden om mee te doen?

Of een van de andere delen in deze serie teruglezen:

Wat vond je van dit artikel?

Ik schreef dit artikel om jou te helpen om zoekmachineoptimalisatie vanuit een ander perspectief te bekijken zodat je betere beslissingen kunt maken. 

Heb je iets nieuws geleerd? Deel het dan met anderen! Want zo help je jouw collega’s SEO beter te begrijpen. Vanuit activeringsenergie weten we hoeveel dat waard is.

PS: Heb je naar je na aanleiding van dit artikel vragen? Stuur me dan een berichtje via LinkedIn.

Voetnoten

[1] 2020, Wikipedia, Sisyphos
[2] 2020, Wikipedia, Activeringsenergie 
[3] 2020, Wikipedia, Activation Energy
[4] 2020, Youtube, Activation Energie – Bozeman Science
[5] 2020, Youtube, Activation Energie – Bozeman Science
[6] 2020, Wikipedia, Activeringsenergie

De rol van feedback loops binnen zoekmachineoptimalisatie

Dit is het vierde artikel in een serie over mentale modellen en SEO, met een focus op het beter begrijpen van zoekmachineoptimalisatie. In het vorige deel van deze serie hebben we stilgestaan bij de complexiteit van zoekmachines en van SEO. In dit artikel zoomen we daar verder op in, door te kijken naar de rol van feedback loops binnen zoekmachineoptimalisatie.

Feedback loops are how we learn, whether we call it trial and error or course correction. In so many areas of life, we succeed when we have some sense of where we stand and some evaluation of our progress.

Thomas Goetz

“Hoe lang duurt het voordat we op nummer 1 staan?” Een dergelijke vraag heb je vast wel eens voorgeschoteld gekregen. Misschien van een klant en anders wel van een collega of leidinggevende. Een lastige vraag, want hij is niet 1,2,3 te beantwoorden.

De effecten van zoekmachineoptimalisatie zijn meestal niet direct zichtbaar. Soms duurt het dagen, weken en in sommige gevallen zelfs jaren voordat we effect zien van ons werk. Maar hoe leggen we dat uit aan anderen? 

Daarvoor kijken we naar de rol van feedback loops in zoekmachineoptimalisatie.

Wat is een feedback loop?

Feedback of terugkoppeling is een proces waarbij de uitkomst van een bewerking wordt teruggekoppeld aan de invoer.[1] Van feedback is sprake wanneer gegevens opnieuw worden aangeboden aan, of verwerkt worden door de invoer. 

Als deze cirkel – waarbij X geeft aan Y en Y teruggeeft aan X – zichzelf herhaalt, ontstaat er een feedback loop, waar input en output elkaar beïnvloeden.[2]

Feedback loops
In een feedback loop wordt output teruggegeven aan de input om opnieuw gebruikt te worden

Feedback loops zijn overal om ons heen. Ze zijn belangrijk om de stabiliteit van een proces te bewaren, maar kunnen ook zorgen voor een zichzelf versterkend effect. Dit noemen we respectievelijk negatieve en positieve feedback loops. 

Negatieve feedback loop

Negatieve feedback loops zijn zelfregulerend. Het effect daarvan zien we bijvoorbeeld bij de thermostaat in onze woonkamer. Als de thermostaat (output) te warm wordt, geeft deze een signaal aan de verwarming (input) om minder hard te gaan branden. Totdat het te ver afkoelt en de thermostaat een signaal geeft om de verwarming weer aan te zetten. Zo blijft de temperatuur in de woonkamer stabiel.[3]

Een vergelijkbare terugkoppeling zien we in ons lichaam; in een proces dat homeostasis wordt genoemd: 

Zodra ons lichaam een temperatuur hoger dan 37ºC bereikt, registreren sensoren op onze huid dit en sturen een signaal naar ons brein dat er een stijging heeft plaatsgevonden. Dit zorgt ervoor dat we gaan zweten. Het verlies in hitte, veroorzaakt door verdamping, verlaagt de lichaamstemperatuur. Als het lichaam beneden een bepaald punt komt, wordt er een vergelijkbaar mechanisme in werking gezet, waardoor de bloeddoorstroming vertraagt en we beginnen te trillen. Deze acties genereren hitte door fysieke beweging waardoor onze temperatuur stijgt.[4] 

Positieve feedback loop

Een positieve feedback loop werkt precies omgekeerd van een negatieve feedback loop; het effect versterkt zich ten opzichte van de voorgaande condities. Maar, het woord positief moeten we niet te letterlijk nemen, want een positieve feedback loop kan snel op hol slaan. Dat zien we bijvoorbeeld in het geval van een bankrun: 

Bij zo’n run gaan duizenden mensen tegelijk naar een bank om geld op te halen. Zo’n bank heeft echter onvoldoende geld op voorraad en kan dus niet iedereen betalen. Dat zorgt voor wantrouwen, waardoor klanten nog meer geld komen opnemen en de bank nog verder in de problemen komt. 

In Nederland gebeurde dat in 2009 toen er door Pieter Lakeman een oproep werd gedaan aan klanten van de Dirk Scheringa Bank (DSB) om hun geld bij de bank weg te halen, waardoor deze uiteindelijk failliet ging.[5]

Een bankrun is een extreem voorbeeld van een positieve feedback loop en kan zelfs voor een gezonde bank levensbedreigend zijn.

Volatiliteit en oscillaties

Een belangrijk aspect bij feedback loops is het verschil tussen de maximale en minimale waarde van een uitkomst. Die bepaalt namelijk de stabiliteit van een feedback loop. 

Als er bijvoorbeeld veel tijd of afstand zit tussen de invoer en de terugkoppeling door de uitvoer, kunnen er sterke golfpatronen ontstaan. Deze golven noemen we oscillaties; periodiek herhaalde omkeringen van de bewegingsrichting rondom een evenwicht.[6]

Laten we nog eens kijken naar het voorbeeld van de thermostaat. Hoe verder de verwarming van de thermostaat verwijderd is, hoe langer het duurt voordat de temperatuur kan worden teruggekoppelt aan de invoer. Door deze late terugkoppeling zal de verwarming langer blijven branden dan nodig is of juist pas aangaan als de ruimte al sterk is afgekoeld.

Hoewel de thermostaat zelf maar minimale verschillen meet is de beweeglijkheid rondom de thermostaat veel groter. Dit noemen we volatiliteit en dat is in de wereld van SEO een belangrijk principe. 

Complex adaptieve systemen en SEO

Zowel de positieve als negatieve feedback loops zien we terug in de zoekmachine. Bijvoorbeeld in Google’s algoritme updates. Maar nog veel duidelijker in onze rankings. Laten we daar beginnen. 

  • Feedback loops in de rankings
  • Google’s algoritme updates
  • Verschillende feedback loops in een website

Feedback loops in de rankings

Onze rankings zijn niet altijd stabiel. Op basis van onze eigen optimalisaties of door die van andere websites ontstaan er schommelingen in de zoekresultaten.

Die optimalisaties kunnen we zien als de invoer en de zoekresultaten als de uitkomst. Op basis van deze resultaten doen we verdere aanpassingen. 

Feedback loops in de rankings zien we op verschillende niveau’s terug:

  • Bij individuele zoekwoorden
  • Bij zichtbaarheidspercentages
  • Bij alle zoekresultaten

Ieder individueel zoekwoord en elke pagina heeft zijn eigen feedback loop. Google beoordeelt onder andere op basis van het klikgedrag en de bezoekduur van gebruikers of deze pagina een goede aanbeveling is voor zoekwoord X. Is de gebruikersinteractie goed, dan mag dit zoekwoord een hogere positie innemen. Maar, vallen de resultaten tegen, dan zal het zoekwoord dalen.

Deze feedback loop zien we niet alleen terug bij individuele rankings, maar ook bij groepen met zoekwoorden in onze zoekwoordrapportages. Bij elke nieuwe meting zien we dat het zichtbaarheidspercentage van de gemeten zoekwoorden veranderd. 

Hoe meer verschuivingen er zijn, hoe groter de impact op het verkeer naar de website zal zijn.

Zoomen we nog verder uit, dan zien we deze feedback loop ook bij de rankings van alle websites bij elkaar. Hoe meer websites er stijgen en dalen, hoe groter de verschuiving (volatiliteit) van de zoekmachine. 

Kijk voor de grap maar eens naar de Mozcast en Semrush Sensor. Dit zijn een soort AEX-indexen die de koers van alle zoekresultaten weergeven. En dan met name de stabiliteit daarvan.

Google’s Algoritme updates

De lens van feedback loops kunnen we ook gebruiken om naar Google’s update beleid te kijken.

Bij complex adaptieve systemen zagen we al dat Google regelmatig de weergave van de zoekresultatenpagina aanpast, in een voortdurende race om de beste zoekmachine ter wereld te blijven. 

Maar niet alleen de weergave, ook het algoritme zelf wordt regelmatig geüpdate.

Wanneer zoekresultaten te eenzijdig worden weergegeven, kan Google een poging doen om het algoritme zo aan te passen dat de resultaten verbeteren. 

Zo’n algoritme update werkt net als de thermostaat in een woonkamer; het is een poging om stabiliteit in de zoekresultaten te bewaren, zodat gebruikers de zoekmachine blijven gebruiken (zie: eerste principe van zoekmachines).

Helaas blijkt vaak genoeg dat dit op (een deel van) de websites een nadelig effect heeft en bij een volgende algoritme update volgt dan soms ook weer een correctie.

Verschillende feedback loops in een website

Feedback loops vormen een referentiekader voor de impact van bepaalde aanpassingen in de website en geven een indicatie van hoe lang het duurt voordat we resultaat kunnen verwachten.

De feedback loop bij een blokkade in robots.txt is bijvoorbeeld erg kort. Al bij een eerstvolgende bezoek van Google zal zo’n blokkade voor een daling zorgen.

Deze loop is veel korter dan, zeg, het updaten van de interne linkstructuur of het aanpassen van de content. En die zijn weer heel anders als de feedback loop van gebruikersgedrag.

Jouw ene klik op een website zal niet direct een gevolg hebben voor de positie van deze website in de zoekmachine. Maar een heleboel klikken, gemeten over een langere periode, kunnen wel degelijk de zoekresultaten beïnvloeden.  

Tot slot verschilt de feedback loop sterk per website. 

Grote e-commerce websites worden praktisch elke seconde door Googlebot gecrawld, terwijl kleinere websites soms maar een paar keer per week worden bezocht. Een aanpassing wordt in het eerste geval veel sneller opgepikt, terwijl dat in het tweede geval veel langer kan duren. In het eerste geval is de feedback loop dus korter.

Een bijkomend voordeel wat grote websites hebben, is dat ze veel meer zoekvolume hebben, waardoor schommelingen van een individueel zoekwoord minder invloed hebben op het resultaat.

Net zoals een groot vrachtschip zijn deze bedrijven minder gevoelig voor de golven van de SEO oceaan.

Conclusie

Feedback loops spelen een belangrijke, maar vaak onzichtbare, rol binnen de zoekresultaten. In veel gevallen zien we alleen de invoer en de uitvoer en hebben we helaas maar weinig zicht op wat er in de tussentijd gebeurt.

Rankings stijgen en dalen altijd. De beste SEO specialisten denken dan ook lange termijn. In plaats van direct te acteren op dagelijkse schommelingen in de rankings kunnen we soms beter even afwachten. Te zorgen voor contrast.

Kijk over een dag, een week en een maand nog eens hoe de rankings ervoor staan. Moeilijk? Soms wel. Maar het zorgt er wel voor dat we dingen onnodig erger maken. 

Daarnaast is het verstandig om er rekening mee te houden dat feedback loops sterk in duur kunnen verschillen. Hoe langer het duurt, hoe moeilijker het is om de resultaten aan een specifieke optimalisatie te koppelen.

Het is dan ook belangrijk om in te schatten wanneer we effect verwachten van onze optimalisaties. Daarmee voorkomen we dat we te snel of te laat reageren en onnodig corrigeren.

De mooiste positieve feedback loop is die van een groeiende website. Doordat goede content beter scoort krijgen we meer omzet en kunnen we investeren in de website, waardoor we meer goede content kunnen schrijven en meer resources krijgen. Zo bouwen we een sterke, goed-vindbare website.

En tot slot. In werkelijkheid zijn feedback loops vaak ingewikkelder dan input X en output Y. In zo’n loop moeten we niet alleen nadenken over het effect van onze acties, maar ook over het effect van het effect en zelfs het effect van het effect van het effect. Maar dat is iets voor een andere keer.

Voor de volgende keer…

Feedback loops bepalen wat de uitkomst is van onze invoer. Maar dat betekent nog niet direct dat we ook resultaat gaan zien. In het volgende artikel kijken we wat ervoor nodig is om een website te laten ranken. Daarvoor kijken we naar het scheikundige principe van activeringsenergie. Wat dat met zoekmachineoptimalisatie te maken heeft lees je in deel 4: activeringsenergie en SEO

Tot die tijd zou je kunnen nadenken over deze vragen:

  • Als je de verschillende optimalisaties en ranking factoren naast elkaar legt, welke hebben dan de kortste feedback loop? 
  • Hoe kun je dit gebruiken om vandaag nog verbeteringen aan te brengen?

Of een van de andere delen in deze serie teruglezen:

Help je collega’s en klanten door te delen

Ik schreef dit artikel om je te helpen de wereld van zoekmachineoptimalisatie vanuit een ander perspectief te bekijken en betere beslissingen te nemen. Door dit te delen kun je jouw collega’s helpen om beter te worden in SEO.

Vond je dit een goed artikel? Heb je iets nieuws geleerd? Deel het dan met anderen! 

PS: Heb je naar je na aanleiding van dit artikel vragen? Stuur me dan een berichtje via LinkedIn.

Voetnoten:

[1] 2020, Fs.blog, an introduction to feedback loops
[2] 2020, Wikipedia, Terugkoppeling
[3] 2020, Searchitchannel, definition feedback loop
[4] 1998, he Education of a Speculator, Victor Niederhoffer
[5] 2020, Wikipedia, Bankrun 
[6] 2020, Wikipedia, Oscillaties

Zoekmachineoptimalisatie in een complex adaptief systeem

Dit is het derde artikel in een serie over mentale modellen en SEO, met als doel zoekmachineoptimalisatie beter begrijpen om betere beslissingen te kunnen nemen. In het vorige deel van deze serie zijn we op zoek gegaan naar het fundament van zoekmachines en het belang van zoekmachineoptimalisatie. In dit artikel bekijken we SEO vanuit een andere hoek; als onderdeel van een complex adaptief systeem.

More is different

Philip Warren Anderson

Het doel van zoekmachines is om de gebruiker relevante informatie te geven. Het doel van zoekmachineoptimalisatie is om deze informatie optimaal aan te bieden aan zoekmachines.

Dat is het fundament wat we de vorige keer hebben ontdekt. Maar als we het daarbij zouden laten, zouden we de wereld van SEO tekort doen. Want achter de schermen gebeurd er veel meer dan dat.

Waarom scoort de ene website wel goed in Google en de ander niet? En hoe komt het dat zoekmachines en zoekmachineoptimalisatie steeds veranderen?

Om die vragen te beantwoorden duiken we in het model van complex adaptieve systemen.

Wat is een complex adaptief systeem?

John Henry Holland omschreef het complex adaptief systeem als een “dynamisch netwerk van agenten die parallel werken en voortdurend op elkaar reageren.” 

Waarschijnlijk roept dit meer vragen op dan dat het antwoorden geeft. Maar, geen zorgen. Ik ga het zo helder mogelijk uitleggen.

Dynamisch betekent in dit geval dat het systeem continu aan verandering onderhevig is.[7] Die dynamiek ontstaat omdat verschillende agenten voortdurend op elkaar reageren en met hun keuze elkaar beïnvloeden.[8] 

Dat zijn overigens geen echte agenten, maar eerder een soort spelers in het systeem. Soms zijn dat mensen of dieren, maar het kunnen ook stukjes software, zelfsturende robots of andere onderdelen zijn. Ieder met een eigen wil en een eigen keuzevrijheid.

Complex adaptief systeem
Een complex adaptief systeem is een dynamische omgeving waarin verschillende spelers elkaar beïnvloeden.

Kenmerken van een complex adaptief systeem

In een complex adaptief systeem kan elke agent leren van eerdere ervaringen en zodanig de volgende keer andere keuzes maken. 

Individueel gezien heeft elke agent invloed op de uitkomst. Maar geen controle. Een agent kan enkel zijn gedrag synchroniseren of desynchroniseren met andere agenten. Dit noemen we respectievelijk coöperatie en concurrentie.[9] Dat leidt op grote schaal tot zelforganisatie of zelfdestructie.

Keuzes die agenten maken zijn vaak onomkeerbaar en zorgen voor een evolutie of aanpassing van het systeem.

In een complex adaptief systeem is het moeilijk om de uitkomst vooraf te bepalen omdat het systeem zich niet-lineair gedraagt. Dat betekent dat een kleine wijziging in de input grote gevolgen kan hebben voor de uitkomst.

Daar komt nog bij dat het systeem emergent is.[10] We kunnen niet zomaar een agent uit het systeem halen en beoordelen wat de uitkomst zal zijn. Het geheel is namelijk meer dan de som der delen.

Hierin zit meteen de crux. Want dat maakt keuzes in adaptieve systemen vaak onvoorspelbaar, ongecontroleerd en onherleidbaar.[11][12]

Oke, dat was behoorlijk complex (sorry voor de woordgrap). Maar, misschien heb je tijdens het lezen al situaties kunnen bedenken waarin je (kenmerken van) complex adaptieve systemen ziet. In het volgende stuk gaan we daar verder op in.

Complex adaptieve systemen zijn overal

Complex adaptieve systemen vinden we terug op allerlei niveaus en bovendien zijn we er zelf vaak onderdeel van. 

Kijk bijvoorbeeld naar het leven zelf. Elke keuze die we maken leidt ons op een onbekende weg, naar een onbekende uitkomst. Maar ook als we verder in- of uitzoomen zien we deze complexiteit overal om ons heen.

  • Denk bijvoorbeeld aan het verkeer op een autoweg. Elke bestuurder stemt zijn gedrag af op de andere weggebruikers. Als er een auto hard remt, zullen auto’s daarachter uitwijken en ook afremmen – zo beïnvloeden ze elkaar. Dit gedrag kan leiden tot files, waar we ook de invloed van de agenten zien: door vaak van rijbaan te wisselen maken de bestuurders de file vaak onnodig langer. Op een hoger niveau leidt dit ertoe dat weggebruikers buiten de file een andere route nemen, waar ze weer andere automobilisten beïnvloeden.
  • Ook ecosystemen barsten van deze adaptieve complexiteit. In het groot, maar ook in het klein. Zo stemt elke vogel in een zwerm zijn gedrag zorgvuldig af op de vogel direct naast zich (synchronisatie). Op die manier kan een groep individuele vogels zichzelf organiseren zonder dat dit overkoepelende communicatie vraagt.
  • Een derde voorbeeld van complexe adaptiviteit vinden we in spellen. In bijvoorbeeld poker en schaken is het de bedoeling de tegenstander te verslaan, door acties zodanig uit te voeren dat de ander geen kans heeft om te winnen (desynchronisatie). Met elke zet hoopt de speler de tegenstander verder vast te zetten, zodat deze minder keuzes heeft. Totdat er nog maar één keuze over is: zich gewonnen geven. Uiteraard beïnvloedt de reactie van de tegenstander ook de speler, waardoor de uitkomst van tevoren maar moeilijk te bepalen is.

Complex adaptieve systemen zijn overal. Je vindt de eigenschappen terug in tussentijdse verkiezingsuitslagen, de aandelenmarkt, ecosystemen, politieke partijen en in steden en bedrijven. En dus ook bij zoekmachineoptimalisatie.

Complex adaptieve systemen en SEO

Laat ik maar gelijk met de deur in huis vallen. Zoekmachines zijn een complex adaptief systeem en onze website is daar een onderdeel van. Dat heeft invloed op onze zoekmachineoptimalisatie.

Onze website is onderdeel van een compleet ecosysteem met miljoenen websites, groot en klein, die willen overleven én gedijen in de zoekmachine.

Deze websites hebben (vaak zonder het te weten) invloed op elkaar. Keuzes die wij maken beïnvloeden andere websites en keuzes die andere websites maken beïnvloeden ons.

Ik zal drie situaties noemen waarin dit zichtbaar wordt:

  1. De zelforganiserende zoekresultatenpagina
  2. De evolutie van Google
  3. SEO als onderdeel van het geheel

1. De zelforganiserende zoekresultatenpagina

Op de zoekresultatenpagina zien we de zelforganiserende eigenschappen van een complex adaptief systeem terug. Een stijging van een ‘betere’ website zorgt er automatisch voor dat een ‘mindere’ website daalt. Zo wordt de top 10 steeds beter.

Ik hoef je vast niet te vertellen dat zo’n verschuiving niet per se door ons eigen toedoen plaatsvindt. Ook algoritme updates, aanpassingen van andere websites en het klikgedrag van gebruikers hebben invloed op onze rankings. Dit zijn stuk voor stuk agenten die het systeem beïnvloeden.

Dat maakt onze positie oncontroleerbaar, wijzigingen in de rankings onvoorspelbaar en de oorzaak van een daling of stijging onherleidbaar.

2. De evolutie van Google

Naast de zelforganiserende eigenschappen van de zoekresultatenpagina is er ook sprake van evolutie en aanpassing binnen de zoekmachine zelf. Het voorbeeld hieronder illustreert dat en is bovendien meteen het antwoord op de vraag waarom haat Google SEO?

Google lanceert regelmatig nieuwe features voor de zoekresultatenpagina. Dat doen ze om gebruikers een betere ervaring te bieden. Nadat ze zorgvuldig op kleine schaal hebben getest en als de resultaten positief blijken te zijn, wordt de feature beschikbaar voor elke website. 

Wat dan gebeurt is een bijna klassieke situatie. Meteen grijpen tientallen SEO specialisten hun kans om de feature te implementeren. En in korte tijd staat de zoekresultaten pagina er vol mee.

Maar dat is niet hoe Google het voor ogen zag. En dus voelen ze zich genoodzaakt om een aanpassing te doen. Het gebeurde onder andere met author images, rating stars en FAQ’s.

Dan volgt de vraag (en soms de kreet) vanuit de SEO gemeenschap; waarom Google SEO haat.

Maar Google heeft geen hekel aan zoekmachineoptimalisatie. De adaptatie is een logisch gevolg van de keuzes die we samen hebben gemaakt. En is bedoeld om het eerste principe van de zoekmachine te beschermen: gebruikers helpen vinden wat ze zoeken.

3. SEO als onderdeel van het geheel

Waarom scoort de ene website wel goed en de ander niet? Het antwoord op die vraag heeft alles te maken met emergentie.

Emergentie wil zeggen dat we geen conclusies over het geheel kunnen trekken door naar een deel van het systeem te kijken. En dat geldt zeker voor zoekmachineoptimalisatie.

Een website is namelijk meer dan de som der delen. De titel is onderdeel van een pagina en de pagina onderdeel van de website. De website zelf is weer onderdeel van een resultaat in de zoekmachine.

We kunnen er niet zomaar iets uitpikken en dat testen. Daarvoor is het geheel te verweven. Een pagina met titel is niet ietsje beter dan een pagina zonder titel, maar vele malen beter. Een snelle website scoort niet iets beter dan een langzame website, maar vele malen beter.

Zoals Garrett Hardin zei over ecosystemen: “we can never merely do one thing.” Onze optimalisaties beïnvloeden alles.

Een antwoord op de vraag waarom de ene website wel goed scoort en de ander niet is dan ook niet eenvoudig te geven, hoe graag we ook vergelijken.

Overigens kunnen we zo ook naar het werk van de SEO specialist zelf kijken.

Een succesvolle SEO specialist kan voor veel websites een hoge positie behalen. Maar is wel afhankelijk van een team, budgetten en de geschiedenis van het domein – om maar een paar factoren te noemen.

De specialist kan zijn succes niet een op een kopiëren naar een andere website. Want ook hij is onderdeel van het systeem.

Conclusie

Een complex adaptief systeem heeft veel verschillende kenmerken. De belangrijkste daarvan; de veranderende dynamiek door onderlinge interacties zien we ook bij zoekmachines terug. 

De optimalisaties die we doen vinden niet in een vacuüm plaats. Dat vraagt nauwkeurigheid in het handelen en voorzichtigheid in het aanwijzen van hoofdoorzaken. Want wat we doen staat altijd in relatie tot andere websites. Altijd.

Dat maakt hypotheses testen zo lastig. We komen eigenlijk nooit verder dan correlaties.

Er bestaat geen holy grail in het SEO landschap. Althans niet dat ik ze ooit heb gezien. Wat bij de ene website wel werkt, werkt bij de ander niet. Misschien zijn de klanten anders, of de zoekopdrachten. Of misschien heeft de website andere voordelen.

En ook al hebben we een diep verlangen om oorzaak en gevolg te begrijpen, we doen er goed aan om te onthouden dat in complex adaptieve systemen er geen eenvoudige methode is om het geheel te begrijpen door de onderdelen te bestuderen.

Alles is verbonden met al het andere.[13] Daarom is het waanzin en een recept voor mislukking om op een individueel onderdeel te focussen, zonder daarin de rol van het gehele systeem te begrijpen.

Probeer dat te onthouden wanneer je websites met elkaar vergelijkt of een oorzaak zoekt voor een ranking drop.

Voor de volgende keer…

Het complex adaptieve systeem laat ons zien dat de precieze invloed van zoekmachineoptimalisatie lastig is te bepalen. In het volgende artikel duiken we daar dieper op in en staan we stil bij de vraag waarom gaan onze rankings op en neer? Dat doen we vanuit feedback loops. Wat dat met SEO te maken heeft lees je in deel 3: De rol van feedback loops in zoekmachineoptimalisatie

Tot die tijd zou je kunnen nadenken over deze vragen:

  • Welke kenmerken van het complex adaptieve systeem zie jij terug in het SEO landschap? 
  • Zie je nog andere verbindingen die ik niet heb genoemd?
  • Hoe zou je op basis van deze nieuwe informatie je optimalisaties kunnen verbeteren? 

Of een van de andere delen in deze serie teruglezen:

Help je collega’s en klanten door te delen

Ik schreef dit artikel om je te helpen de wereld van zoekmachineoptimalisatie vanuit een ander perspectief te bekijken en betere beslissingen te nemen. Door dit te delen kun je jouw collega’s helpen om beter te worden in SEO.

Vond je dit een goed artikel? Heb je iets nieuws geleerd? Deel het dan met anderen!

PS: Heb je naar je na aanleiding van dit artikel vragen? Stuur me dan een berichtje via LinkedIn.

Lees ook de andere delen in deze serie:

  1. Intro: Mentale modellen voor zoekmachineoptimalisatie
  2. Model 1: Eerste principe denken
  3. Model 2: Complex adaptieve systemen (dit deel)
  4. Model 3: Feedback loops

Voetnoten

[7] 2020, Feld.com, Simple, Complicated and Complex Systems
[8] 2020, Wikipedia, Complex Adaptive System
[9] 2020, Youtube, Complex Adaptive Systems
[10] 2020, Wikipedia, Emergentie
[11] 2020, Wikipedia, Complex Adaptive System
[12] 2020, Youtube, Complex Adaptive Systems
[13] 2020, Farnam Street, Four Laws of Ecology

Eerste principe denken: waarom is zoekmachine optimalisatie belangrijk?

Dit is het tweede artikel in een serie over mentale modellen en SEO, met als doel het beter begrijpen van zoekmachineoptimalisatie en het nemen van de juiste beslissingen. In het vorige deel van deze serie schreef ik over het belang van mentale modellen voor SEO. In dit artikel kijken we naar het eerste model; het redeneren vanuit eerste principes.

The first principle is that you must not fool yourself and you are the easiest person to fool

Richard Feynman

Redeneren vanuit eerste principes is een goede verdediging tegen SEO mythes en maakt het werk van SEO specialisten 10x effectiever. Bovendien helpt het ons een antwoord te vinden op fundamentele vragen, zoals:

  • Wat is het doel van een zoekmachine 
  • Waarom is zoekmachineoptimalisatie belangrijk? 

Wat is eerste principe denken?

Eerste principe denken is een van de beste manieren om het fundament van een complex probleem te ontdekken. In plaats van te redeneren vanuit aannames, isoleren we de onderliggende ideeën waarop die aannames gebaseerd zijn. Wat overblijft is het fundament; een idee waarop we verder kunnen bouwen om tot creatieve oplossingen te komen.[1]

Elon Musk & Eerste principe denken

Het eerste principe denken vindt zijn oorsprong in de filosofie van Plato en Socrates. Later deden Aristoteles en René Descartes belangrijke bijdragen. Maar, wie graag een hedendaags voorbeeld wil kan het beste kijken naar Elon Musk.

Elon Musk is een echte eerste principe denker. In plaats van aannames te doen baseert Musk zijn ideeën op onderliggende principes. Zo vroeg Musk zich af waarom een raket zo duur is en kwam hij tot een verrassend antwoord.

Tot dat moment waren de meningen eensgezind. Een raket is zo duur omdat deze maar één keer gebruikt wordt. Binnen enkele minuten nadat de raket van de aarde is vertrokken verdwijnt deze voorgoed in de ruimte. In feite is het een wegwerproduct van epische proportie en dat is de voornaamste reden dat raketten zo duur zijn.

Eerste principe denken
Eerste principe denken is de basis voor innovatieve ideeën

Maar dat was voor Musk niet voldoende. Hij onderzocht de materiaalkosten en concludeerde dat dit slechts een fractie van de prijs is. De raket is vooral duur vanwege de arbeidskosten en veiligheidschecks. Dat leidde tot het idee om de raket te hergebruiken zodat de kosten per vlucht zouden dalen.

Dat resulteerde in de oprichting van SpaceX en de bouw van de Falcon X raket, die veel goedkoper is dan de traditionele ruimtevaart.

5x waarom

Redeneren vanuit eerste principes kan ons helpen om tot creatieve oplossingen te komen. Maar gelukkig hoeven we geen Elon Musk te heten om deze techniek toe te passen. 

De meest praktische manier om vanuit eerste principes te redeneren is door niet zomaar genoegen te nemen met een antwoord. Daarin kunnen we een voorbeeld nemen aan kinderen. Zij vragen van nature “waarom?” (ook al kan dat knap vervelend zijn).

5x de waarom vraag stellen (ook al doe je dat alleen maar voor jezelf) kan je waardevolle inzichten geven. Dat kost in eerste instantie meer tijd dan een aannames doen, maar het resultaat is verbluffend. Want zo komen we tot onderliggende principes en ontdekken we nieuwe ideeën.

Eerste principe redeneren is dus een krachtig denkgereedschap, maar wat kunnen we er mee in de wereld van SEO? Hoe helpt het ons?

Eerste principe denken en SEO

Eerste principe denken helpt ons om kritisch te kijken naar de aannames die we doen. Dat is overal belangrijk, maar zeker in de wereld van SEO. 

Eerste principes geven ons oneindige creatieve mogelijkheden, zonder dat we vastlopen in de details van een bepaalde keuze. Bovendien maken SEO mythes geen kans omdat we deze steeds toetsen aan de onderliggen ideeën. Dat maakt ons werk betrouwbaarder en 10x effectiever.

Laten we deze techniek toepassen op twee fundamentele SEO vragen: wat is het doel van een zoekmachine en waarom is zoekmachineoptimalisatie zo belangrijk?

Wat is het doel van een zoekmachine?

Eerste principe denken helpt ons om het doel van de zoekmachine te vinden. Maar waarom is dat belangrijk?

Omdat als we weten wat een zoekmachine wil, we dat zo goed mogelijk kunnen aanbieden. We kunnen onze SEO strategie naadloos laten aansluiten op de wensen van de zoekmachine en zo maximaal resultaat behalen.

Een hint voor het bestaan van een zoekmachine vinden we in Google’s mission statement:

“Het is onze missie om alle informatie ter wereld te organiseren en universeel toegankelijk en bruikbaar te maken.”

Google’s missie statement

Hoe doet Google dat? Hoe maken ze die inhoud universeel toegankelijk en bruikbaar? Met behulp van de zoekmachine. 

Dat is het doel van een zoekmachine. Om gebruikers te helpen vinden wat ze zoeken. De gebruiker levert de vraag en de zoekmachine voorziet in het aanbod.

Daar verdienen ze overigens veel geld mee. De advertenties die boven de niet-betaalde posities op de zoekresultatenpagina staan brengen miljarden in het Google’s laatje. Die advertenties zijn de reden dat ze ons koste wat kost in de zoekmachine willen houden en daar zijn relevante resultaten voor nodig. 

Klinkt dat te simpel? Bijna wel. Maar dat is nu juist de schoonheid ervan.

Waarom is zoekmachineoptimalisatie belangrijk?

Nu we weten dat een zoekmachine vraag en aanbod bij elkaar brengt, wordt onze missie als SEO specialisten ook een stuk duidelijker. 

Want als zoekmachines alle informatie toegankelijk en bruikbaar willen maken, moet onze website ook toegankelijk en bruikbaar zijn. 

Om op de eerste positie te komen, moeten we bovendien het meest relevante antwoord zijn op de vraag van de bezoeker. Want een tevreden bezoeker komt weer terug en dat is het bestaansrecht van Google.

Zo kunnen we onze eigen SEO mission statement schrijven:

Als website eigenaren is het onze missie om onze websites zo te optimaliseren dat zoekmachines deze makkelijk kunnen vinden (crawlen, indexeren en ranken) zodat zoekmachines de bezoeker relevante informatie kunnen aanbieden.

SEO mythes ontkrachten

Het eerste principe denken kunnen we ook gebruiken in discussies over ranking factoren, links versus content, wel of geen zoekwoorden in de titel, etc. 

Door steeds te vragen “waarom” iets nodig is, komen we vanzelf weer terug bij de kern. Zo omzeilen we mythes en misvattingen waar we anders veel tijd aan kwijt zijn.

Het fundament vind je hierboven. Kun je SEO daaraan toetsen, dan weet je dat je goed zit.

Dat klinkt doodsimpel en dat is het ook. Maar toch zijn er genoeg websites die het onderliggende doel van zoekmachineoptimalisatie niet begrijpen; die niet weten dat ze de juiste informatie moeten aanbieden aan de gebruiker.

En SEO specialisten hebben daar zeker hun aandeel in. In plaats van de juiste informatie aanbieden aan de bezoeker, schrijven we content voor zoekmachines; richten we ons op keyword density; en steggelen we over wat de belangrijkste ranking factoren zijn.

Natuurlijk willen we verkeer en omzet. Maar dat is niet het spel wat we spelen. Het spel wat we spelen is een website bouwen die relevant is voor bezoekers. PUNT. Dat is het fundament van waaruit we onze creatieve oplossingen moeten zoeken. Als we dat doen is de sky the limit. Net als de raketten van Elon Musk.

Conclusie

Eerste principe denken is een van de meest waardevolle gereedschappen voor SEO specialisten. Deze techniek voorkomt dat we aannames doen en helpt ons te zoeken naar de fundamenten die daaronder liggen. Maar let op, want in eerste instantie kost het je meer tijd.

Ik ben er echter van overtuigd dat dit het meer dan waard is. Door te denken vanuit eerste principes komen we snel tot de kern van het probleem. Zo leren we drie belangrijke lessen over zoekmachineoptimalisatie:

  1. Het doel van een zoekmachine is om gebruikers te helpen vinden wat ze zoeken. Het doel van een website is om informatie (in de breedste zin van het woord) aan te bieden aan de zoekmachine. Zodat deze het kan aanbieden aan de gebruiker. We optimaliseren dus voor gebruikers.
  2. Als je op #1 staat, dan weet je dat je relevant bent.[4] Om dat te bereiken moet een website door de zoekmachine bezocht kunnen worden (hij moet crawlbaar en indexeerbaar zijn). Als je niet geïndexeerd bent, kun je ook niet ranken.
  3. Het fundament van zoekmachineoptimalisatie is te vinden in de functie van een zoekmachine. Die vinden we in Google’s missie en door zelf kritisch na te denken wat bezoekers willen. De Google Search Evaluators Guideline is ook een goede bron van informatie.

Als je vastzit, ga dan terug naar de kern. Wees nieuwsgierig en vraag hoe, wat en waarom iets gebeurd. Maar pas op voor “omdat het zo is” antwoorden. Op die manier worden onze SEO optimalisaties 10x effectiever.

Voor de volgende keer…

Misschien heb ik SEO iets te simpel gemaakt en missen er nog dingen. Natuurlijk is zoekmachineoptimalisatie niet altijd zo eenvoudig als het klinkt. Daarom bekijken we het SEO landschap in het volgende artikel vanuit complex adaptieve systemen. Wat de invloed daarvan is op zoekmachineoptimalisatie lees je in deel 2: zoekmachineoptimalisatie in een complex adaptief systeem 

Tot die tijd zou je kunnen nadenken over deze vraag:

  • Voor welke problemen kun jij vanuit eerste principes denken? Tot welke creatieve oplossingen leidt dit?

Help je collega’s en klanten door te delen

Ik hoop dat je dit eerste deel interessant vond om te lezen. Als dat zo is, deel het dan met je collega’s of met klanten zodat nog meer mensen de kans krijg om beter te worden in SEO!

PS: Heb je naar aanleiding van dit artikel vragen? Stuur me dan een berichtje via LinkedIn.

Lees ook de andere delen in deze serie:

  1. Intro: Mentale modellen voor zoekmachineoptimalisatie
  2. Model 1: Eerste principe denken (dit deel)
  3. Model 2: Complex adaptieve systemen
  4. Model 3: Feedback loops

Voetnoten

[1] 2020, Fs.blog, first principles
[2] The Great Mental Models Volume 1: General Thinking Concepts, Farnam Street
[3] 2020, About.google, Google’s missie statement
[4] Bedankt Mark, voor dit waardevolle inzicht. Toen je het me jaren geleden vertelde heb ik het meteen opgeschreven.

Mentale modellen voor zoekmachineoptimalisatie

“Volgens mij is het alsof jij de matrix ziet, of niet?” Dat vroeg een collega aan mij, toen ik enthousiast vertelde over mentale modellen. “Ja, precies, ja,” zei ik enthousiast en mijn ogen begonnen te glinsteren. Dat was precies wat ik zelf niet onder woorden kon brengen. Mentale modellen hebben mijn manier van denken compleet veranderd en sindsdien is mijn aanpak voor zoekmachineoptimalisatie nooit meer hetzelfde geweest. 

Ergens in het voorjaar van 2019 ontdekte ik het bestaan van mentale modellen, op de website van Farnam Street. Ik begon met lezen en was meteen enthousiast. 

Voor me lag een uitgebreide, maar eindige, set met modellen uit de natuurkunde, wiskunde, economie, scheikunde en biologie, die ik op elk vlak in mijn leven kon toepassen. 

Het was alsof ik scherper kon zien dan ooit. Deze modellen zouden me helpen om beter te begrijpen en beter te beslissen – iets wat we elke dag doen.

Al vrij snel kreeg ik het idee om wat met deze kennis te doen. Om het te delen. En de wereld van zoekmachineoptimalisatie leek me een mooie plek om te starten.

In deze serie: 

  1. Intro: Mentale modellen voor zoekmachineoptimalisatie (dit artikel)
  2. Model 1: Eerste principe denken
  3. Model 2: Complex adaptief systeem
  4. Model 3: Feedback loops
  5. Model 4: Activeringsenergie
  6. Model 5: Het rode koningin effect
  7. Model 6: Entropie
  8. Model 7: Netwerkeffecten
  9. Model 8: De kaart is niet het gebied

Een gids voor iedereen die met SEO te maken heeft

In deze serie neem ik je mee door de wereld van zoekmachineoptimalisatie aan de hand van verschillende modellen. Deze modellen helpen je om anders naar zoekmachineoptimalisatie te kijken, de wereld van zoekmachines beter te begrijpen en betere beslissingen te nemen. 

Daarbij gaan we werken met echte powertools: eerste principe denken en activeringsenergie bijvoorbeeld. Verder kijken we wat complex adaptieve systemen met SEO te maken en hoe we onze website kunnen beschermen tegen het rode koningin effect en entropie

En geen zorgen als je niet weet dat is, dat wordt allemaal in duidelijke taal uitgelegd.

In totaal bekijken we 8 modellen:

Tijdloze wijsheid

Dit is een ultieme poging om de wereld van SEO uit te leggen aan iedereen die online marketing bedrijft; om zoekmachineoptimalisatie beter te begrijpen en om betere beslissingen te nemen. 

Het doel is om tijdloze wijsheid te delen, die nu, maar ook over 5 jaar nog relevant is. 

Het maakt dan ook niet uit of je voor het eerst leest over zoekmachineoptimalisatie, al jaren een team van SEO specialisten aanstuurt, een echte SEO-nerd bent (zoals ik) of enkel SEO diensten inkoopt.

Als je klaar bent met het lezen van deze serie, beloof ik je dat je niet alleen meer kennis hebt van SEO, maar ook een hele reeks bruikbare modellen tot je beschikking hebt om in andere gebieden van jouw leven toe te kunnen passen.

En als bonus hoef je niets te weten van RankBrain, Hummingbird, Artificial Intelligence, Machine Learning, Natural Language Processing, Penguin en Panda algoritme updates, Mobile First Indexing, Core Web Vitals of welke andere ingewikkelde zoekmachine termen dan ook.

Maar voordat we stilstaan bij de verschillende modellen, wil ik deze intro gebruiken om een antwoord te vinden op de vraag: wat is een mentaal model?

Het belang van mentale modellen voor SEO

Alle waarheden zijn gemakkelijk te begrijpen als ze eenmaal ontdekt zijn; het gaat erom ze te ontdekken

Galileo Galilei

Mentale modellen wijzen de weg

SEO specialisten, marketing managers en developers hebben een gezamenlijk belang: een website met (het liefst veel) bezoekers. Om dat te bereiken moet een website vindbaar zijn. Zoekmachines zoals Google helpen daarbij. Ze brengen vraag en aanbod samen en helpen bezoekers te vinden wat ze zoeken; informatie op onze website.

Wie goed vindbaar wil zijn moet bovenaan in Google staan. Maar, goede vindbaarheid is niet vanzelfsprekend en zoekmachineoptimalisatie is complex. Er zijn meer dan 200+ factoren die de positie van een website bepalen; frequente updates in het algoritme van Google; en daar bovenop hardnekkige SEO mythes en misvattingen die menig SEO specialist achter zijn oren doet krabben.

Wanneer we – vanuit welke rol dan ook – willen dat bezoekers onze website vinden, hebben we met deze complexiteit te maken. We willen de juiste beslissingen nemen, maar door de grote hoeveelheid informatie belanden we vaak op een dwaalspoor. Dat kost zoekwoordposities, verkeer, en uiteindelijk, geld.

Daarom hebben we mentale modellen nodig. Die wijzen ons de weg en helpen om SEO simpel te maken, zonder de complexiteit te ontkennen.

Wat is een mentaal model?

Een mentaal model is een vereenvoudigde weergave van de realiteit. Een lens waardoor we naar de wereld kijken. Mentale modellen helpen ons om de wereld beter te begrijpen, te verklaren waarom bepaalde dingen gebeuren en om betere beslissingen te maken. Daarom is de kwaliteit van onze modellen cruciaal.

Mentale modellen vinden we onder andere in de grote ideeën uit de wetenschap. Natuurkunde, scheikunde en biologie bieden ons uitstekende analogieën die we kunnen toepassen op andere vlakken in ons leven. Maar ook de psychologie, economie en engineering bevatten bruikbare modellen voor betere besluitvorming. 

Door deze ideeën te verzamelen komen we tot een grote, maar eindige set met mentale modellen, die ons helpen om beter te onthouden, te begrijpen én te beslissen.

De lens waardoor we kijken

Omdat de realiteit vaak te complex is gebruiken we allemaal, continue, en vaak zonder het te beseffen, mentale modellen om de wereld om ons heen te vereenvoudigen.

Dat kunnen we vergelijken met de werking van een cameralens. Als deze volledig openstaat dan komt er teveel licht binnen en raakt de foto overbelicht. Passen we de opening van de lens aan dan vangt het canvas precies genoeg licht en krijgen we een heldere foto.

Mentale modellen als fotolens
Mentale modellen als lens waardoor we naar de wereld kijken

Alleen met de juiste lenzen kunnen we scherp zien. We hoeven niet alle details te kennen, maar moeten wel de informatiestroom beperken zodat we helder kunnen denken.

Complexe realiteit

If the facts don’t hang together on a latticework of theory, you don’t have them in a usable form. You’ve got to have models in your head. And you’ve got to array your experience — both vicarious and direct — on this latticework of models.

Charlie Munger

De realiteit is complex en moeilijk te omvatten. Elke situatie is uniek en er zijn nuances en uitzonderingen waardoor ons begrip, en daarmee vaak ook onze besluitvorming, vertroebeld raakt. 

Wie geïsoleerde feiten probeert te onthouden loopt al snel tegen de grenzen van zijn kunnen aan. Daarom gebruiken we mentale modellen. Want die helpen ons om de wereld beter te begrijpen en betere beslissingen te nemen.

Conclusie

Mentale modellen vormen de lenzen waardoor we naar de wereld kijken. In dit geval de wereld van zoekmachines en SEO. Die hebben we nodig omdat er anders teveel informatie binnenkomt, waardoor we verblind raken en geen goede beslissingen kunnen nemen. En juist dat is zo belangrijk voor wie graag een goed vindbare website wil.

Voor de volgende keer…

In het volgende artikel bekijken we de wereld van zoekmachines vanuit het eerste principe denken; een eeuwenoude denktechniek die onder andere tot de uitvinding van Tesla en de Falcon X raket heeft geleid. Wat dat te maken heeft met zoekmachine optimalisatie lees je in deel 1: Eerste principe denken: waarom is zoekmachineoptimalisatie belangrijk?.

Tot die tijd, denk eens na over de volgende vragen:

  • Hoe zou jij een mentaal model voor jezelf omschrijven?
  • Welke modellen gebruik jij (onbewust) om beslissingen te nemen?
  • Hoe kun je deze modellen toepassen op SEO? En op andere gebieden in je leven?

Help je collega’s en klanten door te delen

Ik schreef dit artikel om je te helpen de wereld van zoekmachineoptimalisatie vanuit een ander perspectief te bekijken en betere beslissingen te nemen. Nu is het jouw beurt om een ander te helpen om beter te worden in SEO, door deze kennis te delen.

Vond je dit een goed artikel? Deel het dan met anderen!

PS: Heb je naar je na aanleiding van dit artikel vragen? Stuur me dan een berichtje via LinkedIn.

33 lessen die ik overnam van mensen die veel slimmer zijn dan ik

Het leven kent drie grote uitdagingen. De wereld ontdekken, onszelf leren kennen en de ander begrijpen. Een uitdaging die we niet alleen aangaan, maar waarin we mogen leren van de wijsheid van anderen. 

Het afgelopen jaar heb ik veel levenslessen verzameld van mensen die veel slimmer zijn dan ik. Lessen die mijn leven dagelijks beïnvloeden en die mij gevormd hebben. Om mijn 33e verjaardag te vieren wil ik deze lessen graag delen. Ik hoop dat ze je inspireren. 

Dit zijn de 33 lessen die ik overnam van mensen die veel slimmer zijn dan ik. Zitten er lessen tussen die voor jou van toepassing zijn? Neem ze vooral over – dat heb ik immers ook gedaan.

It is impossible for anyone to begin to learn that which he thinks he already knows.

1. Het leven verandert – soms bijna dagelijks. Voor sommigen is dat een reden om niet te leren, maar voor mij is het een instructie om een open houding te hebben. Epictetus zegt dat je niet kunt leren wat je denkt al te weten. Daarom wil ik ontvankelijk zijn en het Japanse Soshin – de geest van de beginner – toepassen. 

You are always building your own house

2. Ik ben doodsbang om te publiceren, maar Joshua Medcalf stelde me gerust. Je bouwt je eigen huis, schreef hij in Chop Wood, Carry Water, en dat doe je voor jezelf. Zijn woorden motiveren me; breek los van de normen voor creatie, zoek een baan die bij je past, besteed je vrije tijd zoals jij dat leuk vindt. Het is ook een waarschuwing. Let op: jij bent verantwoordelijk voor wat je ervan maakt.

Go positive, go first

3. Wie goed doet, goed ontmoet. Dat zijn de woorden van Peter Kaufman, maar dan duidelijker en scherper. Wees positief en wees de eerste. De woorden echoën door mijn hoofd telkens wanneer ik iemand op straat begroet of aan dierbaren vraag hoe het met ze gaat. 

Het is één van mijn favoriete speeches en is de moeite waard om te luisteren.

Be the leader you wish you had

4. Wees de leider die je wenste te hebben. Dat is de opdracht van Simon Sinek, maar voor mij betekent het meer. Het is een karaktertest. Wees de man, de vriend, de collega die je wenst te hebben. Dat is wat de mensen om mij heen nodig hebben.

How can you wonder your travels do you no good, when you carry yourself around with you?

5. Je neemt jezelf mee. Dat is de boodschap van Socrates. Ik kan naar fantastische bestemmingen afreizen, maar als het van binnen niet goed zit, dan zal ik ook daar niet gelukkig zijn. Hoe ik me voel is belangrijk. Daarom zoek ik naar wijsheid om mijn beste zelf te kunnen zijn.

So it is: we are not given a short life but we make it short, and we are not ill-supplied but wasteful of it… Life is long if you know how to use it.

6. Vorig jaar zette Seneca mijn wereld op zijn kop met On the Shortness of Life. Ik kom altijd tijd tekort en dat komt misschien wel omdat ik teveel wil. Nu probeer ik mijn tijd te investeren in wat ik echt belangrijk vind. Ook al is dat nog een hele zoektocht. 

You could leave life right now. Let that determine what you do and say and think. 

7. Marcus Aurelius stuurde meer dan 15 jaar lang het Romeinse Rijk aan vanuit het met de pest besmette Rome. Hij keek de dood dagelijks in de ogen en dat motiveerde hem om het goede te doen, te denken en te zeggen. Voor mij is het een herinnering om taken direct uit te voeren, ruzies goed te maken, en te zeggen: “ik hou van je” – omdat ik niet weet hoeveel kansen ik nog krijg. 

No man steps in the same river twice 

8. Herhaling is monotoon, maar niet voor wie goed observeert. De man en de rivier zijn veranderd wanneer zij elkaar opnieuw ontmoeten. De oproep van Heraclitus is om aandacht te hebben voor wat je denkt te kennen. Lees boeken die je al eens hebt gelezen en kom tot nieuwe inzichten. Loop dezelfde route en zie het onverwachte. Herontdek je relaties. Je zult zien dat ze veranderd zijn.

Your feelings don’t want you to work hard, hard work sucks… [but] if a thing is important for your success, it doesn’t matter how you feel about it, it just needs to be done.

9. Over gevoelens gesproken. Het is Ed Latimore die mij, in deze tough-love podcast, aanspreekt om door te zetten als ik geen zin heb. Dat hardlopen het eerste is wat ik doe wanneer ik ‘s ochtends opsta, heb ik mede hieraan te danken. Emotie is belangrijk, maar soms moet iets gewoon gebeuren. Dit helpt me om dat te doen.

The dread of doing a task uses up more time and energy than doing the task itself

10. Rita Emmett helpt mij om uitstelgedrag te voorkomen. Daar kom ik helaas soms pas achteraf achter, als ik tegen mezelf zeg “was dat nou zo moeilijk?” 

Chains of habit are too light to be felt until they are too heavy to be broken.

11. De woorden van Warren Buffett zijn een levendige reminder; dat de dingen die je elke dag doet sterke kettingen vormen, die je maar moeilijk kunt doorbreken. Als ik bezig ben met één van mijn gewoontes dan herinner ik mezelf aan deze woorden – dat het elke dag een stukje makkelijker zal gaan.

Never miss twice

12. Het moment dat zelfs de sterkste gewoontes een dag worden overgeslagen is onvermijdelijk. Eén keer missen is een incident. Twee keer missen is een patroon. De woorden van James Clear bemoedigen me om na mislukking opnieuw te starten.

If you can meet with Triumph and Disaster. And treat those two impostors just the same.

13. Voorspoed en tegenspoed zijn twee kanten van dezelfde medaille. Wie meespeelt in het spel van het leven krijgt hoogstwaarschijnlijk met beide te maken. Rudyard Kipling noemt ze beide bedriegers. Dat heeft mij al vaak geholpen om op te staan na falen en nederig te zijn bij succes. De woorden hangen vereeuwigd in steen boven de ingang van het Centre Court van Wimbledon, maar zouden eigenlijk in ieder kantoor en elke wedstrijdruimte moeten hangen.

Dat heb ik ook weleens gedaan

14. Ik ben vast niet de enige puber die wel eens stomme dingen heeft gedaan. Het kwam dan ook regelmatig voor dat ik aan mijn vader moest uitleggen wat er was gebeurd, maar zijn reactie was anders dan je zou verwachten. Als ik iets doms deed, dan zei hij: dat heb ik ook weleens gedaan. Dat helpt me nog steeds om met een nuchtere blik naar fouten te kijken. Soms is falen onvermijdelijk. Leer ervan en geef jezelf, maar ook de ander een tweede kans. Bedankt, pap!

Whenever you feel like criticizing anyone, just remember that all the people in this world haven’t had the advantages you’ve had.

15. Wat heb ik een geluk gehad. Met familie en vrienden die van me houden, met de plek waar ik ben opgegroeid, met het werk wat ik doe en de kwaliteiten die ik bezit. Geluk dat niet aan iedereen is gegeven. De opening van F. Scott Fitzgerald’s boek The Great Gatsby zie ik als een constante herinnering om dankbaar te zijn voor de voordelen die ik heb en om met compassie te kijken naar mensen die minder geluk hebben gehad. 

1 op de 3 mensen mag mij niet – en dat is oké.

16. Ik weet niet wie het me verteld heeft of waar ik de les heb opgedaan, maar de boodschap is blijven hangen: 1 op de 3 mensen mag mij niet. Door wie ik ben, de overtuigingen die ik heb of door de mensen met wie ik omga. Ik kan niet alle harten winnen en dat probeer ik ook niet. Is niet harteloos, doet soms best pijn, maar ik kan me beter richten op de mensen die wel op mij zitten te wachten.

When someone tells you something is wrong, they’re almost always right. When someone tells you how to fix it, they’re almost always wrong.

17. Dit credo leerde ik van Ryan Holiday, die het op zijn beurt weer van andere schrijvers leerde. Zo kan ik erkennen dat er iets mis is, maar ook te zoeken naar een oplossing die past bij mijn werkwijze en mijn kennis. De input van de ander is een welkom perspectief – al moet ik mezelf daar wel wat vaker aan herinneren.

If that person really knew me and my flaws they’d have said something much, much worse.

18. Als iemand iets negatiefs over mij zegt, dan denk ik aan de woorden van Epictetus. Het helpt mijn ego klein te houden, zodat ik me niet teveel laat raken door wat de ander ervaart. Klinkt negatief, is een innerlijke burcht.

If you can trust yourself when all men doubt you. But make allowance for their doubting too.

19. Rudyard Kipling schreef het prachtige gedicht If voor zijn zoon, om hem te leren wat het is om een man te zijn. Elke zin in dit gedicht is prachtig, maar deze raakt me in het bijzonder. Vastberaden in twijfel en nederig tegelijk. Dat is wie ik zijn wil.

“Sommige wegen moet je niet inslaan”

20. Mijn coach Nienke, gaf me deze woorden mee. Ze zei: “Remco, sommige wegen moet je niet inslaan”. Als een gedachte je niet verder helpt of een vraag geen antwoord kent, besteedt er dan geen energie aan. Sindsdien heb ik mezelf regelmatig weerhouden van destructieve gedachten. 

“Avoiding stupidity is easier than seeking brilliance.”

21. Wat moet ik niet doen; dat is de kernvraag van inversie – het omkeren van problemen. Door dit mentale model ben ik acuut betere keuzes gaan maken. Ik ontdekte het op de website van Shane Parish, die er een fantastisch artikel over heeft geschreven.

“Every yes means a no”

22. Ik weet niet van wie ik de les geleerd heb, maar het was één van de pijnlijkste lessen van het afgelopen jaar. Ik zei ja tegen kansen, ideeën en projecten, maar langzaam kwam de realisatie dat ik niet alles kon doen. De prijs van een ja, is een nee op een ander vlak. Daar wil ik in het volgende levensjaar meer op gaan letten.

“Is it business or busyness?”

23. De woorden voor werk en druk zijn verschillen slechts één letter. Het verschil in taken is soms net zo klein. Is wat ik doe nuttig of doe ik het om bezig te zijn?

“Shortcuts make for long delays”

24. In een wereld van kwartaalcijfers en snelle winsten, zijn de woorden van J R R Tolkien een herinnering dat de kortste weg voor veel vertraging kan zorgen. Dat geldt overigens niet alleen voor corporate, maar ook voor relaties die we onderhouden, de manier waarop we onszelf voeden en het resultaat wat we in sport willen behalen. Daarom speel ik het lange spel. Ook al geeft dat vandaag minder resultaat.

Imagine life as a game in which you are juggling some five balls in the air. You name them – work, family, health, friends and spirit – and you’re keeping all of these in the air. You will soon understand that work is a rubber ball. If you drop it, it will bounce back. But, the other four balls – family, health, friends and spirit – are made of glass. If you drop one of these, they will be irrevocably scuffed, marked, nicked, damaged or even shattered. They will never be the same. You must understand that and strive for balance in your life.

25. Soms ben ik zo druk met mijn werk, dat ik vergeet dat ik ook nog andere verplichtingen heb: mijn familie, vrienden en mijn lichamelijke en geestelijke gezondheid, en ik ben vast niet de enige. Deze analogie van Brian Dyson wil ik aan iedereen meegeven die weleens worstelt met zijn werk-privébalans. 

In real life it is always the anvil that breaks the hammer

26. Ik heb een sterke innerlijke drang om altijd maar door te gaan. Het is één van mijn grootste pluspunten, maar ook mijn grootste valkuil. De waarschuwing van George Orwell neem ik dan ook uiterst serieus. Het is altijd de hamer die breekt. Nooit het aambeeld. Heel soms, stop ik daarom met hameren.

“What do you do with your money?” “Nothing really” “So why try so hard to earn lots more of it?” 

27. Wow! Tim Ferris stelde deze vraag aan Ryan Holiday en wat ben ik blij dat Ryan hem deelde. Zet mij ook aan het denken: hoeveel geld heb ik eigenlijk nodig? 

That’s how it seems to go; we’re never happy with what we have, we want what others have too. We want to have more than everyone else. We start out knowing what is important to us, but once we’ve achieved it, we lose sight of our priorities. Ego sways us, and can ruin us.

28. De passage in Ego is the Enemy van Ryan Holiday opende mijn ogen; ik stel doelen, haal ze en wil dan toch weer meer, ik zie mensen met meer invloed, meer atletisch vermogen, meer geld en wil dat ook. Ego wijst de weg, maar zet me op een dwaalspoor. 

You can never get enough of what you don’t really want.

29. Waar wordt je echt gelukkig van? Welke mensen, welke spullen, welke baan en welke hobbies maken je blij? Het afgelopen jaar ben ik veel bezig geweest met de boodschap van Rick Hanson – zoeken wat ik echt hebben wil. De rest zal nooit genoeg zijn.

Not happy he who thinks himself not so

30. Emoties sturen onze gedachten, maar onze gedachten sturen ook onze emoties. Ik ben blij dat Seneca me helpt om geen om actief te zoeken naar hoe ik mijn dag een klein beetje beter kan maken. Zelfs al begint dat met mentale acrobatiek.

Freedom cannot be won without sacrifice. If you set a high value on her, everything else must be valued at little. 

31. Nog een les van Seneca, want wat deze man zegt is puur goud. Wil je vrij zijn, dan betaal je daar een prijs voor. Doet me denken: wat heb ik over voor mijn vrijheid en wat wil ik voor vrijheid betalen?

A society grows great when old men plant trees in which shade they know they shall never sit in.

32. Steeds als ik dit Griekse spreekwoord zie krijg ik kippenvel. Dit is ultieme onbaatzuchtigheid en lange termijn denken; bomen planten in wiens schaduw je nooit gaat zitten. 

Waste no more time arguing what a good man should be. Be one.

33. De belangrijkste les voor vandaag komt van Marcus Aurelius. Vaak komen we niet verder dan discussiëren over wat het goede is en waarom het niet lukt om het toe te passen. Acties spreken luider dan woorden. Wordt een goed mens. We hebben ze hard nodig!

Denken vanuit eerste principes – het fundament voor innovatie

Denken vanuit eerste principes, soms ook wel redeneren vanuit eerste principes genoemd, is een effectieve manier om creatieve oplossingen te vinden voor ingewikkelde problemen. 

Deze manier van denken speelt een belangrijke rol bij innovatie en wordt al eeuwen gebruikt door filosofen, wetenschappers en uitvinders om antwoord te vinden op fundamentele vragen.

De grondleggers van eerste principe denken zijn Plato en Socrates, met belangrijke bijdragen van Aristoteles en René Descartes. Maar ook Leonardo Da Vinci, Albert Einstein, Richard Feynman en Elon Musk zijn, of waren eerste principes denkers.

Laat je echter niet intimideren door deze zwaargewichten. Je hoeft namelijk geen Einstein te heten om vanuit eerste principes te denken.

Hierover later meer. Laten we eerst eens kijken wat redeneren vanuit eerste principes inhoudt en waarin het verschilt van redeneren vanuit analogieën.

Wat is eerste principe denken?

In zijn werk Metafysica beschrijft Aristoteles een eerste principe als “de eerste basis waarvan iets bekend is.”[1] 

Het is een bewering of aanname die niet kan worden afgeleid van een andere bewering of aanname – iets dat van zichzelf waar is, zonder dat dit verder te bewijzen is.

En dus, bij het redeneren vanuit eerste principes zoeken we naar feiten zonder aannames te doen.

Het is een manier van denken die ons helpt om ingewikkelde problemen te verhelderen door de ideeën en feiten te scheiden van aannames die op deze feiten zijn gebaseerd.[2]

Dit doen we door vragen te stellen. Waarom is de situatie zoals die is? Waarvan weten we dat het absoluut waar is? Wat is bewezen?

Door terug te redeneren zonder aannames te doen, stuitten we vanzelf op het fundament. De grondslag van onze kennis. 

Wat overblijft is de essentie – de kern van het probleem. Een eerste principe van waaruit geredeneerd kan worden, zodat we nieuwe oplossingen kunnen bedenken.

Wanneer we redeneren vanuit eerste principes, denken we voor onszelf, zijn we nieuwsgierig en stellen we vragen. 

Om iets te verbeteren moeten we namelijk weten waarom iets werkt en waarom niet. Anders kopiëren we iemands gedrag en gedachten zonder te begrijpen waarom het werkt.

Redeneren vanuit analogieën

Misschien wel de beste manier om uit te leggen wat eerste principe denken is, is door te beschrijven wat het niet is. Namelijk, het redeneren vanuit analogieën.

Bij het redeneren vanuit analogieën laten we het denken over aan iemand anders. We kopiëren iemands gedrag en gedachten zonder te begrijpen waarom het werkt. 

We gebruiken de overeenkomst tussen twee situaties als fundament om zo tot een oplossing te komen. Als we vervolgens moeten beantwoorden waarom we doen wat we doen, komen we meestal niet verder dan “omdat het nou eenmaal zo is.”

Mensen redeneren vaak vanuit analogieën en dat heeft een goede reden. Deze manier van denken kost namelijk weinig energie vergeleken met eerste principe denken. Maar helaas lopen we zo wel over de gebaande paden.

Als we tot nieuwe inzichten willen komen, dan moeten we op ontdekkingsreis gaan. Analogieën helpen ons dan niet meer en dus moeten we redeneren vanuit eerste principes. 

We verlaten de gebaande paden om zelf nieuwe wegen ontdekken. En zoals we hieronder zullen zien leidt dat vaak tot verrassende innovaties.

De rol van eerste principe denken in innovatie

Eerste principe denken speelt een belangrijke rol bij innovatie.

Socrates, René Descartes, Albert Einstein. Allemaal waren ze in meer of mindere mate eerste principe denkers. Maar misschien wel het bekendste voorbeeld uit onze tijd is Elon Musk.

Elon Musk, SpaceX en Tesla

Elon Musk is het voorbeeld van een eerste principe denker. Deze gedurfde ondernemer is niet alleen de medeoprichter van het succesvolle Paypal, hij staat ook aan de oorsprong van bekende bedrijven als Tesla en SpaceX. 

Beide bedrijven opereren in kapitaalintensieve sectoren. Sectoren waar miljoenen nodig zijn om in te stappen, om nog maar te zwijgen over succesvol zijn. Maar Musk gaat een stap verder. Hij treedt niet alleen toe, hij gaat met zijn eerste principe denken ook meteen het gevecht aan met de status quo.

In een interview met Wired Magazine vertelt Elon Musk hoe hij problemen vanuit eerste principes benaderd:

Ik neig ernaar om dingen vanuit een natuurkundig framewerk te benaderen. En natuurkunde leert ons om te redeneren vanuit eerste principes in plaats vanuit analogie. Dus ik zei, Ok, laten we naar de eerste principes kijken. Waar is een raket van gemaakt? Ruimtevaart-Klasse aluminium, plus wat titanium, koper, en koolstofvezel. En toe vroeg ik, wat is de waarde van deze materialen op de grondstoffenmarkt? Het bleek dat de materiaalkosten van een raket ongeveer 2 procent van de prijs zijn – wat een absurde ratio is voor een groot mechanisch product.[3]

In een ander interview met Kevin Rose, geeft Musk nog een fascinerend voorbeeld. Dit keer over accu’s:

…ze zouden zeggen, “historisch gezien, kost het $600 per kilowatt-uur. En het gaat in de toekomst niet veel beter worden…” Dus de eerste principes zouden zijn, …wat zijn de materiële bestanddelen van batterijen? Wat is de marktwaarde van de materiële bestanddelen? Het zijn cobalt, nikkel, aluminium, koolstof, en polymere plastics als scheiding, en een stalen blik. Dus laten we dat opdelen naar een materiële basis; als we dit kochten op de Londen Metal Exchange, wat zou elk van deze dingen dan kosten? Oh, jeetje, het is… $80 per kilowatt-uur. Dus, overduidelijk, moet je op een slimme manier denken om die materialen te combineren om er een accu van te maken, en zo kun je batterijen maken die veel, veel goedkoper zijn dan iedereen zich beseft.[4]

Elon Musk geeft hier de kern van eerste principe denken weer. Dat iets nou eenmaal zo is, is voor Musk niet genoeg. Hij zoekt naar de objectieve feiten en weet daardoor keer op keer complete markten op de kop te zetten – of het nu om de prijs van een raket gaat of de productie van een accu. Dat is de kracht van redeneren vanuit eerste principes.

De eerste auto en de drukpers van Gutenberg

Redeneren vanuit eerste principes is essentieel voor het ontwikkelen van innovaties en het op een creatieve manier oplossen van problemen. Maar er is meer.

Door bestaande concepten en ideeën terug te redeneren naar hun fundamenten ontstaan als het ware losse blokken die we kunnen gebruiken om dingen op een nieuwe manier op te combineren. Zo kwam Siegfried Marcus op het idee voor de eerste auto en deed Johannes Gutenberg de uitvinding van de boekdrukkunst

Johannes Gutenberg combineerde de techniek van de schroefpers – een apparaat voor het maken van wijn – met eenvoudig te verplaatsen letters, papier en inkt om de drukpers uit te vinden. De technieken bestonden los van elkaar al jaren, maar Gutenberg was de eerste die de losse onderdelen bij elkaar bracht en zo de boekdrukkunst uitvond. Het resultaat was een wereldveranderende innovatie en, voor het eerst in de geschiedenis, een wereldwijde distributie van informatie.[5]

Een ander voorbeeld is de Duitse Siegfried Marcus, die in Wenen leefde. Die bouwde in 1870, het eerste eenvoudige gemotoriseerde voertuig vanuit een doodgewone handwagen, die hij combineerde met de atmosferische machine die hij zelf had ontworpen en gebouwd. In dit specifieke geval dienden de vliegwielen van de motor een dubbelfunctie en waren tegelijk de achterwielen.[6]

Hoe kwamen Gutenberg en Marcus op het idee voor hun uitvindingen? Waarschijnlijk door meerdere factoren, maar eerste principe denken speelde hierin een belangrijke rol.

Ze gingen voorbij aan de analogie van de gebruiksvoorwerpen, keken voorbij de functie en stelden zich een wereld voor waarin het voorwerp een andere rol zou krijgen. 

En de wereld zou nooit meer hetzelfde zijn.

René Descartes en de cartesiaanse twijfel

Eerste principe denken kan leiden tot prachtige innovaties. Maar is niet beperkt tot de fysieke wereld. Ook ethische problemen en fundamentele levensvragen kunnen vanuit eerste principe denken worden benaderd.

Niemand ging hierin zo ver als de Franse filosoof en wiskundige René Descartes. Die bracht het eerste principe denken naar een heel ander niveau door systematisch aan alles te twijfelen.

Met de methode die we tegenwoordig cartesiaanse twijfel noemen, (inderdaad, vernoemd naar Descartes), stelde hij zichzelf de vraag: “Als ik mij ervan overtuigd heb dat er absoluut niets bestaat in de wereld, besta ik dan ook niet?”

Het antwoord voor René Descartes was dat hij wel moet bestaan, want als hij zich ergens van overtuigt, dan bestaat hij. 

Zo kwam hij tot de bekende uitspraak: Cogito ergo sum – ik denk, dus ik besta.[7]

We hebben gezien dat redeneren vanuit eerste principes tot prachtige innovaties kan leiden. Musk, Descartés en Gutenburg zijn hier slechts enkele voorbeelden van.

We hoeven echter niet zo diep te gaan als hen om te redeneren vanuit eerste principes. We zullen zien dat een kind de was kan doen.

Hoe kunnen we redeneren vanuit eerste principes?

Misschien krijg je het idee dat redeneren vanuit eerste principes alleen aan wetenschappers, filosofen en ondernemers is gegeven. Maar het zijn juist de kleinsten onder ons die hier goed in zijn.

Eerste principe denken vraagt in de eerste plaats om een bepaalde nieuwsgierigheid en vasthoudendheid. En niemand is daar beter in dan kleine kinderen.

Zij zijn in staat om vanuit hun nieuwsgierigheid te blijven graven tot we uitkomen bij een fundament. 

5x waarom

Iedere volwassene die ooit met een kind in discussie is gegaan kent het “waarom-spel”. En dat gaat meestal als volgt:

“Ik moet werken.”

“Waarom?”

“Omdat we geld nodig hebben.”

“Waarom?”

“Omdat we daarvan eten kunnen kopen en een huis kunnen betalen.”

“Waarom?” 

“Omdat we anders honger krijgen en kou vatten.”

“Waarom?”

“Omdat onze lichamen energie nodig hebben en een bepaalde temperatuur moeten hebben, anders gaan we dood.” 

“Waarom?”

“Dat weet ik eigenlijk niet. Laten we dat eens onderzoeken”

Kinderen zijn vanuit hun nieuwsgierigheid van nature in staat om terug te redeneren naar de eerste principes – ook al zijn ze zich hier zelf niet altijd bewust van. Maar op enig moment in ons leven hebben we helaas geleerd dat het beter is om deze vragen niet te stellen. Bijvoorbeeld naar herhaalde reacties van “omdat ik het zeg, hou er nu maar over op.” 

Onze vragende manier van onderzoeken wordt ons lang niet altijd in dank afgenomen. De vraag kan zeer irritant zijn en mensen kunnen zich aangevallen voelen.

Verder kan de waarom vraag leiden tot emotionele antwoorden en aannames. Bedenk dat het antwoord op waarom vraag geen waardeoordeel. “Waarom moet je werken? Omdat ik het leuk vind” Klopt wel, maar stelt ons niet in staat om het eerste principe te ontdekken. 

En toch ondanks de tekortkomingen is de 5x waarom vraag een effectieve en eenvoudige manier om te redeneren vanuit eerste principes. Het bevrijd ons van de kaders waarin we onszelf opsluiten met allerlei argumenten, redenaties en overtuigingen.

Socratisch denken

Een andere methode om eerste principes te ontdekken is door het socratisch denken. 

Dit is een gedisciplineerd vraag proces, dat gebruikt wordt om waarheden vast te stellen, onderliggende aannames te ontdekken en kennis van onwetendheid te scheiden [8] 

Het socratisch vragen stellen bestaat uit 6 stappen: 

  1. Gedachten nader toelichten en het verklaren van de oorsprong van ideeën (Wat denk ik exact? Waarom denk ik dit?)
  2. Aannames onderzoeken (Hoe weet ik dat dit waar is? Wat als ik het tegenovergestelde dacht?)
  3. Bewijs zoeken (Hoe kan ik dit bevestigen? Wat zijn mijn bronnen?)
  4. Alternatieven overwegen (Hoe denken anderen hierover? Hoe weet ik dat ik het bij het juiste eind heb?)
  5. Gevolgen en implicaties overwegen (Wat als ik het mis heb? Wat zijn de gevolgen daarvan?)
  6. Originele vraag bevragen (Waarom dacht ik dit? Klopte het wat ik dacht? Welke conclusies kan ik trekken uit mijn redeneerproces?)

Beperkingen van denken in eerste principes

Eerste principe denken kost tijd

Het stellen van Socratische vragen en de 5x waarom kosten op de korte termijn meer tijd en energie dan analogieën. Door ons denken te vertragen en vragen te stellen zijn we meer tijd kwijt dan als we op basis van onze aannames zouden handelen. 

Dat zou ons ervan kunnen weerhouden om vanuit eerste principe te redeneren. Echter, de voordelen worden op de lange termijn  duidelijk zichtbaar.

Neem als voorbeeld de raket van Elon Musk. Het kost tijd om uit te zoeken uit welke materialen een raket bestaan, wat materialen kosten en hoe je ze goedkoop kan krijgen. Een raketfabriek benaderen en een raket kopen geeft op korte termijn resultaat. Op lange termijn zijn de voordelen echter meer dan duidelijk. Niemand kan zo snel en zo vaak een raket opnieuw lanceren als Elon met zijn SpaceX. [9]

Eerste principe denken is afhankelijk van de context

Het redeneren vanuit eerste principes is afhankelijk van de context. De vraag die we willen beantwoorden kan verschillend zijn. 

Om een goedkopere raket te bouwen kunnen we kijken naar het eerste principe van de materiaalkosten, maar daarmee krijgen we de raket nog niet de ruimte in. Natuurkundige principes zoals de ontsnappingssnelheid – de snelheid die nodig is om aan de zwaartekracht te ontsnappen – zijn minstens zo belangrijk.

Bovendien is het denken vanuit eerste principes afhankelijk van onze eigen kennis – en beperkingen daarvan:

Bijvoorbeeld, als we de energiezuinigheid van een koelkast willen verbeteren, dan kunnen we de wetten van de thermodynamica als eerste principes gebruiken. Maar een scheikundige of natuurkundige zou misschien nog een laag dieper gaan en inzoomen op entropie en de tweede wet van de thermodynamica.[10]

Het perspectief – wat willen we beantwoorden en onze kennis – wat kunnen we beantwoorden zijn belangrijke variabelen als het gaat om eerste principe denken. Door ons hiervan bewust te zijn vergroten we de effectiviteit van deze denkmethode.

Conclusie: Leer voor jezelf te denken

Analogieën vervullen een belangrijke functie in onze wereld, maar als we vernieuwend willen denken, dan moeten we vanuit eerste principes redeneren. 

Daarvoor hoef we geen Elon Musk of Aristoteles te heten. Door voor jezelf te denken, nieuwsgierig te zijn en open vragen te stellen kunnen we creatieve oplossingen vinden voor ingewikkelde problemen.

Eerste principe denken kost tijd. We kunnen niet altijd en overal vanuit eerste principes denken. Ondanks dat is het een krachtig principe en speelt het een belangrijke rol in innovaties.

Misschien begint het wel bij het openstaan voor deze methode van denken. Of in de woorden van Seneca:

Yes indeed, I shall use the old road, but if I find a shorter and easier one I shall open it up.

Voetnoten

[1] The Metaphysics, Aristotle, 1013a14–15
[2] The Great Mental Models Volume 1: General Thinking Concepts, Farnam Street, P. 81
[3] Wired, Elon Musk’s Mission to Mars, 2020
[4] Kevin Rose interview, 2020
[5] Verhaal uit Where Good Ideas Come From
[6] Daimler, Forerunners tot the automobile, 2020
[7] Wikipedia, René Descartes, 2020 
[8] Farnam Street, First principles, 2020
[9] Wikipedia, Falcon 9 launches, 2020 
[10] Farnam Street: The Great Mental Models Volume 1: General Thinking Concepts, P. 81
[11] Letters from a Stoic: Epistulae Morales Ad Lucilium, Robin Campbell, Letter XXVIII

Dit verhaal is (niet) waar

Het was nog donker toen we vertrokken uit de Tête Rousse hut en dat was maar goed ook. Voor me lag een lange beklimming en wat het hoogtepunt zou zijn van een maandenlange training om de hoogste berg van Frankrijk, de Mont Blanc te beklimmen. De weg naar boven was lang en zwaar, niet op zijn minst door de geringe hoeveelheid zuurstof die aanwezig is op deze hoogte. Maar door de goede acclimatisatie, uitgebreide training, een flinke portie doorzettingsvermogen en de goede begeleiding van gidsen kreeg ik het voor elkaar om de top te bereiken.

Ik was pas 25 jaar oud en had nu met succes een hoogalpiene top beklommen. Was je me op daar tegen gekomen, met een grote glimlach op mijn gezicht, dan had je misschien gedacht dat het allemaal vanzelf ging en dat “hier een jongeman staat vol zelfvertrouwen, die niet bezwijkt onder de druk, maar succesvol is.”

Het klinkt mooi, dat helaas is dit verhaal (niet) waar. Hoe zit het echt?

Ik was wel degelijk onsuccesvol, om over zelfvertrouwen nog maar te zwijgen. Ik had net mijn studie afgerond en was getrouwd, maar voelde me een complete mislukking, omdat ik na mijn studie geen baan kon vinden. Na meerdere sollicitaties zat mijn zelfvertrouwen op een dieptepunt en kon ik wel wat succes gebruiken.

Dat zelfvertrouwen kwam toen ik de beslissing nam om te gaan trainen voor de beklimming van de Mont Blanc. Na die beslissing veranderde mijn leven compleet, ik kreeg meer zelfvertrouwen en landde mijn eerste baan. 

Maar ook dit verhaal is (niet) waar. Wat bedoel ik daarmee?

Waarom dit verhaal (niet) waar is

Van de beklimming van de Mont Blanc kan ik een spannend verhaal maken. Steenslag en diepe afgronden, de ijle lucht. Alpinisten die een week eerder om het leven waren gekomen, toen ze door een storm werden verrast, op de route waar we langs kwamen en een lawine die een paar weken eerder huishield en tientallen klimmers mee de dood in sleurde.

Ik kan het ook leuk vertellen. Over de grappen die de gidsen maakten. Of saai, door te zeggen dat het één van de minst koude zomerdagen was en de beklimming dus eigenlijk niet zo moeilijk was. Maar hoe ik het ook vertel, er blijft informatie verborgen.

Zo liep ik fluitend naar de top, maar met barstende hoofdpijn naar beneden. En hoewel iedereen in die ene expeditie week dacht dat deze 25-jarige bergbeklimmer nog veel beklimmingen op zijn naam zou zetten, beklom ik tot nu toe geen enkele berg boven de 3000 meter meer. 

Het verhaal van de Mont Blanc is hier een goed voorbeeld van, maar is zeker niet exclusief. Op ieder willekeurig moment kan ik een verhaal vertellen waaruit succes of juist mislukking blijkt. 

Want ik haalde in vier jaar mijn HBO diploma, maar wel nadat ik zeven jaar over de HAVO deed. En vond ik inderdaad mijn eerste baan, maar wel dankzij het netwerk van mijn vrouw.

Onze verhalen zitten vaak vol met leugens en halve waarheden. Dingen die we uitvergroten, dingen die we weglaten en soms zelfs dingen die ronduit niet waar zijn en waar we over liegen. [1]

We schrijven en schrappen net zolang tot we een mooi verhaal hebben. Er blijft altijd informatie verborgen, maar is dat erg? En waarom doen we dat?

De functie van verhalen

Een oud-collega zei altijd “een goed verhaal hoeft niet waar te zijn”. Dat zei hij dan met een grote glimlach op zijn gezicht en herhaalde nog eens de zin “nee, echt waar, een goed verhaal hoeft niet waar te zijn”. 

En, weetje, hij had gelijk. Ik heb het hier natuurlijk niet over liegen of manipulatie, maar ieder verhaal vertelt zijn eigen waarheid en heeft zijn eigen doel.

We vertellen verhalen omdat ze ons vermaken, om iets te onthouden, om de situatie of het probleem te begrijpen, om te motiveren of te inspireren, en zelfs om te waarschuwen of aan te sporen tot verandering.

En om het nog wat ingewikkelder te maken, de functie van het verhaal wordt niet alleen bepaald door de verteller, maar ook door de luisteraar – en die kan ook nog weer eens per moment en per luisteraar verschillend zijn. 

Tot slot kan de verteller ook de luisteraar zijn. We vertellen onszelf bijna dagelijks verhalen. Waarom we succesvol zijn of waarom we hebben gefaald, waarom mensen van ons houden of waarom ze boos op ons zijn – ondanks dat er in dit geval geen objectieve waarheid is. 

De conclusie en de vraag die je kunt stellen: het verhaal is misschien wel waar. Maar is het ECHT waar?

Ik ben van mening dat een verhaal niet waar kan zijn. Maar gelukkig ook niet hoeft te zijn. Een verhaal heeft immers een functie, en kan ook wanneer het incompleet is zijn doel raken.

Zijn we er dan? Nou, bijna. Er is nog één belangrijke les. Want hoe moeten we omgaan met verhalen?

Hoe verhalen ons misleiden

Oké, toegegeven, de titel rolt niet lekker van de tong. Maar narratieve misleiding (narrative fallacy), overlevingsvooroordeel (survivorship bias) en beschikbaarheidsheuristiek (availability heuristic of bias), zijn drie belangrijke begrippen als het gaat om de waarde die we aan een verhaal toekennen. 

Want een verhaal mag dan een functie hebben, het heeft ook een dysfunctie. Het kans ons misleiden, verlammen, ontevreden en zelfs ongelukkig maken.

Zeker wanneer er acties of beslissingen aan een verhaal zijn gekoppeld, is het belangrijk om te zien welke tekortkomingen er in ons denken zitten. En dan in het bijzonder 

Narratieve misleiding

De Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman schreef het inzichtvolle boek Thinking Fast and Slow over de manier waarop we denken. Aan de hand van tientallen voorbeelden legt hij zorgvuldig bloot waar ons denken tekortschiet. En één van de belangrijkste in deze context is narratieve misleiding.

Narratieve misleiding is een begrip dat door de schrijver en filosoof Nassim Taleb wordt geïntroduceerd in zijn boek Fooled by Randomness, waarover Daniel Kahneman zegt: 

Narrative fallacies arise inevitably from our continuous attempt to make sense of the world . . . Taleb suggests that we humans constantly fool ourselves by constructing flimsy accounts of the past and believing they are true.[2] 

Verhalen passen achteraf vaak perfect in elkaar. We proberen een concreet en simpel verhaal te construeren. Zodat er een narratief – een verhaal – ontstaat wat in staat is om ons te misleiden (narrative fallacy). Zo schrijven we een grote rol toe aan talent en intenties, en richten we ons op een paar opvallende gebeurtenissen die samen een sterk verhaal produceren, maar vergeten hierin de rol van geluk en dat het verhaal achteraf geschreven is. Was het vooraf geschreven, dan had het plan er weleens heel anders uit kunnen zien. 

Wanneer we onszelf vergelijken met anderen of wanneer we willen reflecteren op gemaakte beslissingen, dan is het waardevol om te vragen of, en op welke manier er sprake is van narratieve misleiding, zodat we kunnen beoordelen welke invloed dit heeft op de uitkomst. [3]

Overlevingsvooroordeel

Weet je nog wie er tweede werd op het WK van 2014? En kun je een bekende winkelketen noemen die niet meer bestaat? Waarschijnlijk valt het niet mee om op een antwoord te komen en dat komt onder andere door het overlevingsvooroordeel. 

Een verhaal wordt vrijwel altijd verteld door de winnaars, nooit door de verliezers. Voor elke Steve Jobs, Barack Obama en Ryan Holiday, zijn er tientallen tech entrepreneurs, politici en schrijvers die het niet gehaald hebben. 

Onze verhalen zijn dus extreem gekleurd. Er staan duizenden, soms zelfs tienduizenden mislukte pogingen tegenover elk succes in de wereld. Maar verhalen die over falen gaan, zijn minder populair dan verhalen over winst en succes.

Gelukkig komt het hele verhaal soms wel naar buiten in een goed geschreven biografie of dossier, maar de beperkte tijd dicteert dat we niet van alles een compleet beeld kunnen krijgen. 

Wat betekent dit voor ons? Dat we er op z’n minst rekening mee moeten houden dat de weg van de winnaar niet exact te kopiëren is. Er zijn principes en lessen die we eruit kunnen leren, maar er is ook informatie achtergebleven.[4]

Beschikbaarheidsheuristiek

Een derde principe op rekening mee te houden als het gaat om verhalen is de beschikbaarheidsheuristiek. Opnieuw uit Thinking Fast and Slow:

The world in our heads is not a precise replica of reality; our expectations about the frequency of events are distorted by the prevalence and emotional intensity of the messages to which we are exposed.[5]

Volgens de beschikbaarheidsheuristiek geven we meer gewicht, en hechten meer waarde aan gebeurtenissen die recent hebben plaatsgevonden. 

Laten we nog eens teruggaan naar het begin, toen ik schreef over het dodelijke gebeurtenissen op de Mont Blanc. 

In dat jaar was de Mont Blanc uitzonderlijk vaak in het nieuws, onder ander door een lawine op de Mont Maudit waarbij 9 doden vielen [6]. Doordat het zo vlak voor mijn expeditie was en de gevolgen zo groot waren, kreeg ik veel opmerkingen en vragen over het gevaar van een dergelijke beklimming. 

Terwijl ik me statistisch gezien weinig zorgen hoefde te maken (in 2017 was er bij 14 van de 20,000 toppogingen sprake van overlijden, een kans van 0,07‬ procent) merkte ook ik dat mijn beklimming door deze beschikbaarheidsheuristiek gekleurd werd.

Nu vraag je je misschien af, waarom begin je een blog met zo’n artikel? Dat leg ik je uit.

Het is geen waarheid, het is geen leugen, het is een verhaal

Ruim tien jaar geleden besloot ik om een website te bouwen om aan “mijn merk” te bouwen. Het zou er voor zorgen dat ik na mijn opleiding meteen door de beste werkgevers gevraagd zou worden om een baan. Zoals je hebt kunnen lezen was dat niet het geval. 

Tien jaar lang stond deze website symbool voor mislukking. Er stond geen zinnig stukje informatie op. Het was kaal en alleen. Zelfs de Sahara was vruchtbaarder dan dit dorre stukje internet. 

Nu pas besef ik dat ik het al die tijd verkeerd heb gezien. Ik dacht dat de website het doel was, maar het is een middel. Een middel om te leren en te groeien. Het gaat niet om het bos, maar om het planten van zaadjes. Gedachten waaruit nieuwe ideeën ontspringen. Ik wil een leven lang leren en dat betekent ondanks alle beperkingen en tekortkomingen verhalen schrijven.

Ik vind het symbolisch om met dit artikel te beginnen omdat ik hiermee een intentie wil uitspreken. Ik heb me namelijk altijd laten tegenhouden door beperkte informatie. En ook nu moet ik eerlijk zijn. Mijn verhalen zullen soms (niet) waar zijn, ik heb immers niet alle informatie. Maar het helpt om te zeggen: 

Het is geen waarheid, het is geen leugen, het is een verhaal.

Voetnoten

[1] Ik ben hier niet op zoek naar een objectieve of filosofische definitie van waarheid, waar is in deze context, het hele verhaal.
[2] Kahneman, D. (2011). Thinking, fast and slow.
[3][4] Op Farnam Street staat een weloverwogen artikel over Narrative Fallacy, inclusief manieren om het tegen te gaan, evenals een uitstekend artikel over survivorship bias
[5] Kahneman, D. (2011). Thinking, fast and slow.
[6] Nkbv.nl,  Negen doden door lawine op Mont Maudit